donderdag 31 december 2009

De witlof en de mandarijn


Een stronkje witlof en een mandarijn... ze liggen op het kastje van de buurvrouw, in het halletje, naast de deur.

Twee jaar geleden verloor ze haar man. Een hartaanval, en het is alwéér winter. De dagen zijn korter, de temperatuur daalt, en de grijze nevels sluimeren over de Drentse velden. Het is december en het jaar is bijna om. De enorme sneeuwduinen in het dorp zijn nog maar net verdwenen of er valt alweer verse. Het schijnsel van de authentieke straatlantaarns gloeit oranje en weerkaatst het licht tegen de gevels van de boerderijen.

Elke zaterdag loopt ze de straat uit, ergens naar toe. Niemand weet waar heen en haar gezicht, getekend door het leven, straalt toch als we even een praatje maken. Ze waren altijd samen, op de motor, op vakantie, naar de winkel, naar het klootschieten, of gewoon samen thuis aan de koffietafel. Nu is ze alleen, en tornt de dagen zichtbaar voor zich uit. Soms is er die lach en straalt ze in haar gerimpeld gezicht...

Afgelopen maandag was ze jarig, en de kleine woonkamer was gevuld met familie en vrienden. Rondom de tafel vol met hapjes, salades, koekjes, pinda’s, halve liters bier, en flessen wijn ging de actualiteit van het dorp luid over de tong. Een strooiauto schoof met gepaste snelheid voorbij en flikkerde enkele momenten een fel licht in haar woonkamer. "Kiek, doar giet Jan Schutter", die mut nog wark’n met dit weer..."

Ik moet plassen, en schiet gauw even ons eigen appartementje binnen. Vier kinderen spelen op de trap. "Lusten jullie wel öliekauk’n?" Mijn toon is zacht en geheimzinnig. "Niks zeggen, binnen, hoor".
Snel pak ik vier oliebollen van de schaal en, met pretoogjes, sluipen de kinderen de trap weer af en vervolgen hun spel.

Oh ja, ze heeft genoeg afleiding buitenshuis, gelukkig maar... Maar hoe is het binnen? Als ze alleen is, en niemand weet hoe...

Ik keer terug in de warme, doorgerookte woonkamer. De stemming werd vrolijker, en de drank zette aan tot een zwelling van het volume der sprekers. "Wil je nog een biertje, Wim?" Ik stem toe en raak heftig in gesprek met een gepensioneerde vrachtwagenchauffeur die voor de bietencampagne reed.

Op 2e kerstdag reden de auto’s af en aan, door de straten van het dorp, om de toevoer van bieten te waarborgen. “De suikerfabrieken mogen nooit stil staan”, vertelt hij, terwijl hij met zijn ruwe handen het bier "warm" houdt.

Ik knipoog naar mijn vriendin, en met een "bedankt buurvrouw", verlaten we alweer het feest en wandelen naar ons eigen woongedeelte.

De geruite pet van de buurman hangt nog altijd aan de kapstok, en zijn motor staat nog altijd in de schuur. De vogeltjes vliegen buiten in het hok, en worden dagelijks nog steeds vertroeteld. Maar Gerrie is er niet meer, en het wordt donker in Norg...

We lopen langs het kastje in het halletje. De witlof en de mandarijn zijn verdwenen.

Wij eten vanavond macaroni...

maandag 28 december 2009

Kersttoespraak


De kersttoespraak van de koningin ontlokte nogal wat reacties vanuit diverse hoeken in de samenleving. Volstrekt begrijpelijk maar, net als de boodschap zélf, zijn ook de reacties hierop weinig steekhoudend.

Door internet zouden we niet meer weten wie onze naaste is, en is de samenleving aan het verharden? Of zijn er door internet juist heel veel contacten mogelijk geworden waardoor we ons beter kunnen uiten en betrokkenheid kunnen tonen bij onze "naaste?"

Natuurlijk kan internet je afstompen, maar zo zijn er zoveel dingen die je de schuld kunt geven van jou eigen rottige luizenleven. Dat is natuurlijk bijzonder gemakkelijk.

Ik geloof nog steeds in de mens, en niet in technologie, (in een computergestuurde airbus van Amsterdam naar Singapore voel ik me minder veilig dan in een, handmatig gestuurd, lokaal vluchtje in de binnenlanden van Afrika).

Technologie is slechts een hulpmiddel en niet een levensstandaard. Mensen die in mensen geloven hebben internet niet nodig voor dat doel, en mensen die juist niet in mensen geloven doen dat ook niet als ze twitteren of hyven.

Gij zult niet twitteren? Ik geloof vast dat de koningin ook internet heeft, en misschien zelfs wel Hyves...

donderdag 24 december 2009

Kerst 2009


De sneeuw is alweer aan het verdwijnen, het vriespunt ligt op de helling en de omzetcijfers vliegen weer over de buis. De hoeveelheid pintransacties per seconde, wordt tot in het vervelendst toe, breed uitgemeten door het zoetsappige duo Rick en Suzanne van het RTL-nieuws.

Hij met zijn irritante 'r', en zij doet alsof elk onderwerp haar persoonlijk interesseert. Want met grote regelmaat leidt ze haar verbaal acteren in met een "njaa...", en beweegt daarbij haar tekst, scheef leunend over haar bureau, ongeveer 289 keer per uitzending van rechts naar links over haar desk, en weer terug uiteraard. The show must go on...

Nee, geef me dan maar de strakke nieuwsuitzendingen van onze zuiderburen. Geen non-verbaal vertoon, en simpel en alleen de nieuwsfeiten. De emotie vul ik zelf wel in.

Kerst 2009. Het feest van uiterlijk vertoon, het feest van de leugen in de media, het feest van opgedirkte gezelligheid. De bovenlaag in ons mens zijn wordt gespekt, en aangedicht, verhard door een dikke laag plamuur die als een laag asfalt over de diepere werkelijkheid heen ligt.

We vereenzamen en verkillen in een jachtige wereld waarin hoogconjunctuur en bovenbaasgedrag zegevieren, en de werkelijke dieper psyche in de mens geïsoleerd blijft.

We leven in een tijd van oneliners, scores, zwart-wit-uitspraken, stellingen, veroordelingen, en het verhaal is verdwenen. Althans niet meer belangrijk en niet meer zichtbaar, terwijl we het zo hard nodig hebben.

We maken "vrienden" op Hyves met een simpele muisklik, en we "ontvrienden" zelfs weer. We twitteren ons helemaal het leplazerus om de ander, elke seconde van de dag, te laten weten wat we doen en waar we zitten. Een vorm van eenzaamheid?

Kopenhagen is mislukt omdat er geen verhaal is, maar slechts uit de lucht gegrepen cijfers van "wereldverbeteraars". De treinen reden drie dagen niet, omdat "cijferaars" hebben besloten geen geld uit te willen geven voor verwarmde wissels en schoonmaakploegen. De wereldcrisis in de economie is veroorzaakt door de "handel" in geld van bovenbazen.

Er is geen verhaal meer, geen gevoeligheid, geen warmte. Slechts onbenullige statistieken, en machogedrag, van resultaatgeile bestuurders.

Kerst anno 2009 is anders geworden, verlaagd tot een opgesmukt en goedkoop volksfeest in de laatste maand van het jaar. Een decennium is weer voorbij gevlogen, en de tijd jaagt.

En bijna niemand weet straks nog waar het toen, werkelijk over ging...

Kerst 2009, zal het ooit weer een verhaal worden?

zondag 20 december 2009

Kopenhagen


De temperaturen mogen met niet meer dan 2 graden Celsius stijgen, en het staat de landen vrij de overeenkomst van Kopenhagen te aanvaarden en uit te voeren. De voltallige zitting heeft na dagenlang vergaderen, "kennis genomen van het akkoord". Vager kan het niet, zou ik zeggen.

Kopenhagen is voorbij, en het sneeuwt rustig door, alsof er nooit een conferentie is geweest.

Met veel vlaggen, drukte en medialawaai werd deze al weken geleden aangekondigd, en vervolgens verbaasd men zich met dezelfde ophef waarom een dergelijke "belangrijke" conferentie toch op zo’n fiasco uit heeft kunnen lopen.

Obama kwam nog even, en kon niet veel meer dan zijn goede wil tonen. Nee, natuurlijk niet, want een betere wereld organiséér je niet. Zeker niet in een dolgedraaide mondiale economie waarin we slechts ons zélf reuze belangrijk vinden. Een betere wereld ontstáát, heel misschien, door langdurige economische en/of maatschappelijke malaises.

De crisis had minstens tien jaar moeten duren, en misschien wel twintig. Dat is de enige manier om de CO2-uitstoot te verminderen, en onze planeet nog een kans te geven. Zuinigheid is niet het toverwoord, maar minder! Véél minder, met álles! Max Dendermonde omschreef het in 1954 op ironische wijze: "De wereld gaat aan vlijt ten onder."

En ik geloof dat het niet lang meer gaat duren...

maandag 14 december 2009

Scheve schaats...


Gretha Smit en haar coach Ingrid Paul mogen niet omkopen.

Maar er mag zoveel niet, zegt Ria Visser die het voor de schaatsers opneemt. Het is te begrijpen, zegt ze, we doen allemaal toch wel eens iets wat niet mag?

Het ironische is dat de Poolse schaatser Wojcicka zich, al vóór het dreigende omkoopschandaal, wilde terug trekken. Maar toen Gretha haar startplaats wilde veilig stellen door haar flink geld te bieden, werd ze geprikkeld om toch mee te doen en Ingrid had het nakijken.

Zegeviert het recht? Zo zou je het kunnen noemen. Het heeft in ieder geval niets meer met sport te maken. De schaatsbond wil de waarheid boven tafel, maar wat valt er uit te zoeken?

Wojcicka doet een boekje open over de feiten voor de NOS-camera’s. Ingrid Paul ontkent het verhaal en Gretha Smit onthoudt zich van elk commentaar. Lijkt me klip en klaar. Daar kun je lang en breed over doorzagen, maar het is tegen de regels van de internationale schaatsunie.

Natuurlijk wordt het weer eens breed uitgemeten in pers, want dat vinden we lekker!

Maar Gretha heeft zich een maand geleden al teruggetrokken uit de schaatssport, en Ingrid hangt gewoon een schorsing boven het hoofd...

zondag 13 december 2009

Glühwein in Norg


Gisteren liepen we op de kerstmarkt. Er zijn er tientallen, de buurtkrantjes staan er vol van.

Het theehuis ligt aan de weg van Norg naar Donderen. Honderd meter voor de ingang parkeren we in de berm. Daar is het blijkbaar voor bestemd, want het mag allemaal in december. Een jongeman met hanenkam nadert op het fietspad. Zou die er ook heen gaan? Wat moet een jongen met een hanenkam op een kerstmarkt? En zo schieten de vooroordelen oneerbiedig door je hoofd. God heeft alle mensen lief, ook jongens met hanenkammen...

Toch loopt hij het theehuis voorbij, en vervolgt zijn weg in het gezelschap van zijn vrienden, (ik neem aan dat het vrienden zijn tenminste, alweer een vooroordeel...)

Wij lopen het versierde, natte, groene bos in dwars door de vele kerstkramen. Een houtvuurtje flakkert, en je mag proeven van het banket op een bordje. Lekker voor bij de koffie, wordt er bij gezegd, ervan uitgaande dat iedereen blijkbaar van banket houdt...

Ik wel dus, maar niet als het me wordt opgedrongen. Verderop wringt zich een meneer met hoedje door de menigte, hij heeft blijkbaar haast en moet vast met de trein mee. Twee kinderen zitten met verkleumde vingers aan groene takjes in een nisje van tentdoek. Er staat een bordje bij: gratis kerstbakjes maken...

Gratis, dat doet het um, natuurlijk!

Traag beweegt de massa zich langs de route, en staat een ogenblik verplicht stil bij een aantal waardeloze prullen. Waardeloos natuurlijk niet want alles wat je zelf, bijna voor niets, kunt maken ligt in een te dure jasje aangeboden. Drie takjes, mooi wit gespoten en opgeprikt op een blok hout gaat grif weg voor 12,50 Euro. Kerst 2009, het feest van de commercie, zoals gebruikelijk in voorgaande jaren.

De generatie die nu opgroeit weet al niet meer beter.

Gezellig? Ik weet het niet, want vroeger werd er nog gezellig, of minder gezellig, gepraat over alles en nog wat. Van het overlijden van een dorpsgenoot, tot de prijs van een tros bananen in Piet’s groentehal. Kerstmarkten waren ontmoetingsplekken...

Dat is er niet meer bij, want we lopen als het even kan met verveelde, zure gezichten langs de handel en lachen alleen als we een bekende zien. Het liefst zo hard, dat het hele dorp mee kan genieten.

We lopen langs de volgende kraam, en ik vang een gesprek op tussen een "handelaar" en zijn bezoekster: 'Nou, hoe staan de zaken?' De handelaar bromt: 'Niks waard, alleen maar kijkers met handen in de zakken, die geen portemonnee trekken...'

Kerst 2009, in de mensen een welbehagen?

We verlaten de markt. Het houtvuur knappert in de korven. Net of het zachtjes fluistert: 'Kom jullie nog eens terug?'

Kerst 2009, het is anders dan vroeger, maar waarom dat weet ik niet...

zaterdag 5 december 2009

Topsalaris


Nog nooit is er zoveel gezeurd, over de salarissen en bonussen, als in de afgelopen jaren.

Salarissen van topambtenaren, salarissen van bestuurders in de zorgsector, het salaris van de koningin, en nu weer de salarissen van korpschefs bij de politie, (die trouwens niet te hoog, maar te laag zouden zijn, vandaar de hoge premies, aldus de 'deskundigen').

Je zou er chagrijnig van worden, tenminste, als je er gevoelig voor bent. Laten ze het lekker zelf uitzoeken, toch? Maar het zijn ónze belastingcenten wordt er dan geroepen. Tja, soms wel, en het is dus zeker te hopen dat het electoraat klinkende cijfers laat zien bij de volgende verkiezingen.

Het is alleen jammer dat het gros van de 'klagers' zich hopeloos fixeert op het inkomen van de buurman of collega, bij wijze van spreken, en zich niet meer realiseert in wat voor weelde hij of zij zélf verkeerd. Want we hebben het toch goed met onze HD-televisie, uitgaansleven, vakanties, en vier keer in de week naar de sportvereniging?

We mogen niet klagen, maar we dóen het lekker wel! Eet lekker je eigen boterham met kaas of leverworst, en laat een ander daarom rustig van zijn eigen kaviaar genieten...

zaterdag 17 oktober 2009

Nobelprijs


Barack Obama krijgt de Nobelprijs voor de vrede en de hele wereld twijfelt er aan of dit niet veel te vroeg is voor de Amerikaanse president? Hij zou immers nagenoeg nog geen, (zichtbaar), resultaat hebben kunnen boeken op het gebied van de wereldvrede?

Maar, wie zegt eigenlijk dat het toekennen van de prijs afhankelijk moet zijn van resultaten? De hele maatschappij is tegenwoordig doordrenkt van resultaatgeilheid.

Het is een ziekte aan het worden, zou ik bijna zeggen. Bijna elke voetbalclub ontslaat elk jaar wel weer een trainer door slechte resultaten. Bestuurders die hun doelstellingen niet halen kunnen vertrekken. En politici worden aan de kant gezet als de partij het slecht doet in de peilingen.

Barack Obama verdient de prijs simpelweg door zijn persoonlijkheid. Hij heeft het charisma om de basis te leggen voor een leefbare wereldorde, en opent knelpunten door middel van dialoog.

Natuurlijk kun je na negen maanden presidentschap nog geen resultaat zien. Wijlen Rinus Michels heeft natuurlijk een succesje geboekt tijdens het EK in 1988. Maar de prijs krijgt hij voor zijn overtuigend en charismatisch trainerschap.

En of Obama succes krijgt?

Zijn persoonlijkheid is al een dikke prijs waard, en alles wat daaruit voortvloeit is mooi meegenomen...

zaterdag 10 oktober 2009

Tot stof...


Het is een troosteloze aanblik. Bulldozers en grote graaiapparaten maaien, op het door hekken omgeven terrein, alles omver wat ze tegen komen.

In de straat waar mijn schoonouders wonen wordt gesloopt, en niet zo zuinig ook. Er komt een zorgcentrum, en alles gaat plat. Afgelopen woensdag waren ze 55 jaar getrouwd, en ik loop even een ommetje in de buurt. Het huis waar ze al vijftig jaar wonen, en waar mijn vriendin geboren is, mocht nog net blijven staan...

De machines zijn onverbiddelijk. Deuren worden als houtjes versplinterd, hele brokken gevels gaan zo tegen de vlakte, en de elektriciteitsleidingen zwiepen door de lucht. Huizen waar lief en leed is gedeeld, muren die verhalen herbergen, kinderen die er verwekt en geboren zijn, de krant die dag in dag uit bij de buren in de brievenbus is gegleden, sokken die in sokkendozen lagen, de soep voor de zondag die klaar stond in de keuken, en nu voor altijd is uitgeprutteld.

Wat een drama moet het zijn als je er zo lang gewoond hebt en alles wat vertrouwd is wordt in een keer van de aardbodem geveegd. De buurman is er bij en veegt, ogenschijnlijk achteloos, wat brokstukken van het pad. "Kijk", zegt hij, "daar verdwijnt achter het huis een aanbouw". Zij was ziek en ze konden er daarom wat langer wonen...

Ik ril, en zie hoe de schoorsteen bijna tegen de vlakte gaat. Het mottert een beetje, en maakt het geheel nog triester. Aan de andere kant van het terrein staan nog vier half afgebroken woonblokken te wachten op hun definitief einde. Het is genoeg, en ik slenter terug naar de feestelijkheden...

Binnen is het behaaglijk, de kachel brandt, en de hapjes staan op tafel. Mijn schoonvader ziet me binnen komen en schuift op het puntje van zijn stoel: "Als je nog een borrel wilt Wim, dan moet je de fles even meenemen uit de keuken".

Ik meng me weer in het gezelschap, en laat me verwennen door verhalen uit de oude doos. Het mag nog, en straks krijgen we soep...

woensdag 7 oktober 2009

Nintendo Wii


Een groot beeldscherm, een afstandbediening, twee begeleiders en vier bewoners.

Meer is er niet nodig om een uur plezier te maken in het zorgcentrum waar mijn moeder woont.

Eens per maand is er bowlen, of kegelen, (ik kan het verschil nooit onthouden), op een groot televisiescherm. Ik mag er vandaag een kijkje nemen, en mijn moeder is van de partij.

Zevenentachtig jaar, gedreven met alles waar een stekker voor nodig is, nou ja, alles...? Er zijn grenzen natuurlijk. Maar met haar Nintendo heeft ze al menig uurtje er op zitten. Ze is niet uit het veld te slaan met dat spul.

De dames van de begeleiding moesten het allemaal eerst nog maar eens uitproberen, want het spul is nog maar net uit de doos. Hoe werkt het precies allemaal? De richting van de bal, (het heet natuurlijk vast geen bal), de snelheid, links of rechtshandig, de zwaai, en uiteindelijk de allesomvattende worp!

Een van de bewoners, (al aardig op leeftijd), gooide met rechts, maar kwam beter uit met links. Haar rechterhand is er nog niet klaar voor, na een ingrijpende operatie, dus dan maar met links. Knap hoor. Ik zou met rechts sowieso de boot in gaan, maar dat komt weer omdat ik links ben.

En als je dan die verbeten gezichten ziet, helemaal opgaand in het spel, dan word ik er blij van. De voorschrijdende technologie is soms wel eens een zegen...niet altijd.

Mijn moeder gaat gooien, nou ja, gooien? De afstandbediening in haar hand, met een koordje om het ding vast te maken aan de pols, want het zou zonde zijn als die dingen in het enthousiasme van het spel om de haverklap op de vloer donderen.

Een grote zwaai, en de bal vliegt over het scherm naar de poppetjes aan het eind. Haar oogjes glimmen als er slechts eentje blijft staan. Bijna een strike, zo heet dat toch, geloof ik?

Een uur lang spelen ze, wisselen informatie uit over Nintendo’s, kunstheupen, hartinfarcten, kleinkinderen en laptops. Zo gaat dat in een modern zorgcentrum van 2009.

Volgende maand het internetcafé? Het is een kwestie van tijd, en ik kan met mijn moeder gaan chatten.

Ik zal vast een hyves-pagina voor haar aanmaken...

woensdag 30 september 2009

Emmy


Zeewolde. Ik kom er alleen voor de tandarts. Ik heb er niets meer mee, Zeewolde dan...

Ik weet nog goed dat ik in ’92 met mijn ex, (raar woord trouwens, ex), op huizenjacht was en door het spiksplinternieuwe dorp reed. Ik dacht toen, hier wil ik nog niet dood liggen...

Toen we daarna door de wijk Kattenbroek reden, in Amersfoort, zeiden we tegen elkaar, hier helemáál niet dus! En na een korte inschrijving van een week werd het een huurhuis in de private sector in Zeewolde. Joepie!! Twee jaar later trouwden we, en vijf jaar later was het weer voorbij.

Een paar vrienden uit die tijd, emigreerden naar Dronten, en de rest is uit beeld verdwenen. Zo gaat dat in een mensen leven. Elke tijd kent zijn vriendschappen.

Alleen Emmy is er nog, (uit Zeewolde tenminste), met man en drie kinderen. Ik heb iets met grote gezinnen, misschien de dynamiek, de beweging, en is er een missie?

Dus, na de tandarts altijd Emmy. Natuurlijk steeds onaangekondigd, ik zie altijd wel. Dat hoort bij mij.

Emmy heeft een piano, koffie, cake en ze lijkt op mijn zuster, altijd druk met iets, of niets... Niet dat dat wat uitmaakt, maar toch misschien wel ergens goed voor om te constateren.

Misschien is het omdat ik mijn eigen kids niet heb zien opgroeien, maar ik vind het altijd van die privébedrijven, waarbij de manager al of niet geslaagde pogingen doet om de boel bij elkaar te houden.

Natuurlijk, ik weet wel, ik heb gemakkelijk lullen. Maar hoe hou je het vol met die verplichtingen die er blijkbaar zijn, tegenwoordig, in het gezinsleven. Maar ik heb er respect voor en ben altijd weer helemaal bij als ik bij Emmy ben geweest.

Ik luister, zij lult, of andersom natuurlijk. Zij lult, ik luister..., (ik mag het zeggen).

Kinderen zijn uitgefladderd, weer terug uit Frankrijk, doen evenementen en aan sport, hebben vriendjes, maken verre reizen en doen zes studies tegelijk. Lekker laten gaan, je houdt ze niet tegen, en het is goed voor hun ontwikkeling.

Emmy weet dat ook. Maar een moeder heeft ook zo haar bedenkingen...en das niet slecht.

Altijd een uurtje, dat is genoeg. Daarna zitten er honderdduizend dingen in mijn hoofd terwijl ik terug rijd naar Kampen, en het water van het Wolderwijd tegen de oevers klotst.

Zeewolde, een stukje verleden, een stukje geschiedenis, een stukje Emmy...

zondag 27 september 2009

Errpels


Ik krijg ze wel eens van Harry, een collega. Goeie kerel, staat altijd klaar voor iedereen en sjouwt zich soms helemaal het apezuur.

En dan, als het seizoen weer rijp is en de boeren buiten zijn, krijg ik "errpels" van Harry. Nieuwe, klein en fijn, en lekker om te bakken. Aardappels dus in de volksmond, maar in Lierderholthuus zeggen ze "errpels", (en denk aan de "r" in Lierderholthuus)!

Aardappels. Het kan niet beter. Het product van de aarde, het leven, hard werken, de eenvoud.

Ik eet ook wel eens bij Harry. Dan krijg ik gehaktballen en patat, zorgvuldig voorbereid in de grote boerenkeuken. Een bord, een vork en cola. Godsamme, wat kun je lekker eten bij Harry! Daar kan een vijfsterrenrestaurant niet tegen op.

"Moe’j nog errples, Wim?"

De volgende dag fietst Harry het terrein op met tassen vol. "Die gele zak mu’k weer terug hebb’n." En zorgvuldig drapeer ik de "appels der aarde" in een plastic tasje.

Met dank aan de familie N. Ik ken ze niet, en moet dus volstaan met de N., anders zou het niet netjes zijn.

Ik heb iets met het boerenleven, de eenvoud en de rust. Maar ook de dynamiek, de beweging, en alles wat binnen de muren op het platteland nooit is uitgesproken, en wat daar voor eeuwig zijn rust mag vinden...

Harry, bedankt voor de "errpels"!

zaterdag 26 september 2009

Tandarts


Braaf reed ik naar Zeewolde voor de tandarts. Helemaal uit Kampen? Tja, als je het goed hebt waarom zou je het niet zo laten?

Ik interesseer me al jaren niet meer voor de halfjaarlijkse handelingen, en kan zelfs bijna zeggen dat het een dagje uit is geworden. Vroeger scheet ik peulen als we de grote bruine eikendeur van de praktijk openduwden, en als klein jongetje leek die deur wel tien keer zo groot.

We gingen met het hele gezin en we wachtten tot de donkere grote man in zijn witte pak de wachtkamer binnen kwam denderen. "Ja maarrrrrr!!" En terwijl hij dat riep keek ie ons altijd indringend aan vanonder zijn forse wenkbrauwen.

Nu niet meer. Mijn tandarts in Zeewolde heeft bouwkunde gestudeerd, en is ontzettend handig met materialen, en tegenwoordig stelt het allemaal niets meer voor met de moderne apparatuur. Bovendien heb ik helemaal geen tijd om me druk te maken, want de tijd vliegt met kletsen en grappen maken.

Er moest dus gevuld worden, ehh doe je wel ff een spuitje...?

Tja, en toen was het wachten, en de tijd vol lullen. Vroeger moest je weer de wachtkamer in en een kwartier wachten.

"Zullen we vast beginnen?" "Ik merk het vanzelf wel..."

De tandarts keek me scheef aan, en de boor begon vrolijk te piepen. Tja, en dan ben je aan de goden overgeleverd, maar ik vermaak me prima met de dialogen tussen tandarts en assistente. Ze was, geloof ik, nieuw en ze kreeg aanwijzingen waar de waterslang moest zitten.

Na het boren komt het gepruts in je mond. Dit keer achterin, niet de fijnste plek, maar ik laat het maar over me heen komen. Klemmetje erop dat zo lekker in je tandvlees snijdt, troep erin, bijharken, drogen en afsnijden. Ik vind het knap wat zo’n man doet, maar ja, met HTS bouwkunde mag je ook wel wat in je mars hebben...

Als de zaak vlak is, mag ik eruit, en is het feest afgelopen. Jammer, het was gezellig, en met een handdruk verlaat ik de typisch verlichte ruimte zoals je die alleen ziet bij een tandartspraktijk.

Ik ga koffie drinken bij Emmy, maar daarover de volgende keer, want dat is ook leuk!

zondag 13 september 2009

Hoe een rood lampje je leven tijdelijk op de kop kan zetten, deel 2


En zo werd het "stomme" rode lampje de oorzaak van het ontregelen van de normale rituelen in de eerst volgende dagen. Want voorlopig zal het Kamper boemeltje mijn ritme gaan bepalen.

De auto is stuk en hij rijdt geen meter meer. Frank, (de automan), zit ergens met zijn tenen in Middellandse Zee, en ik zal dus tot volgende week moeten wachten.

Welja, kan het nog erger? Ja, het kan nog erger want dat wordt kaartjes kopen en wachten, de tijd doden met de Metro, hangen tussen schooljeugd, en blij zijn als je fiets er nog staan op het station...

En terwijl ik internet opstart, om op de startpagina de reisplanner aan te klikken mis ik opeens het vertrouwde spoorboekje. De flinterdunne bladzijden die bomvol stonden met kolommen gevuld met de vertrektijden in het rood of blauw. Onderaan stonden de uitzonderingen die, overigens, elk jaar meer ruimte in beslag namen.

Maar ik heb nu de computer, en al gauw vind ik Kampen-Zwolle, en de tijden zijn onverbiddelijk. Er is geen ontkomen aan. Ik moet wel! Ik sjor mijn fiets uit de schuur, een voorzienigheid noem ik het dit keer. Want onze fietsen staan in Norg, en ik heb er net twee weken geleden eentje van mijn schoonvader gekregen die geen dienst meer deed. Die man weet ook alles van te voren...

Banden checken, tas erop, en met een vernietigende blik passeer ik mijn auto. Stom lampje, denk ik weer. Ik heb geen hekel aan fietsen, maar wel als het moet. Wie heeft er nou zin om ’s morgens vroeg in het drukke verkeer de brug over te trappen? Ik niet!

Zorgvuldig parkeer ik mijn fiets tussen de berg tweewielers in het rek, en loop het perron op. Een jongeman voor mij toetst, bijna zonder te kijken en met achteloos automatisme, zijn treinkeus in op de automaat. Ik krijg bijna braakneigingen, je zult hier maar elke dag rond moet lopen...

En dan komt het meest ondraaglijke moment van de hele reis. Wachten, doelloos wachten.

En dan kun je alleen maar mensen kijken. Mensen die brood eten of uit hun neus peuteren, mensen die zesentwintig keer hun GSM pakken, mensen die zo vlak aan de rand bij het spoor staan wachten alsof er een soort angst leeft niet mee te mogen, mensen die ijsberen, en mensen die honderd keer in hun tas graaien en altijd iets zoeken...

En dan komt het moment dat de Kamper-boemel statig langs het perron glijdt, en onmiddellijk bestormd wordt door gretige reislustigen. Want het lijkt er op dat iedereen tegelijkertijd naar binnen wil. Dit verschijnsel doet zich overigens niet alleen op perrons voor, maar ook bij de winkel, de schouwburg, en de kassa. We geven de ander geen centimeter ruimte meer. We zúllen en móeten als eerste, ALTIJD!

Het is gelukkig maar tien minuten, en mag ik mijzelf in Zwolle uit de trein persen. Het is gelukt, ik ben er. Nog een klein stukje lopen en een kwartier later loop ik de bank binnen en druk ik mijn computer aan. Oh jee, vanavond weer terug...

Gelukkig komt na drie dagen de buurman aan de deur. Hij leest mijn blogs, en hij heeft verstand van auto’s. Hiep-hoi, hulde aan die man! Nog geen week later reed ik alweer, en ben weer baas over mijn eigen tijd.

Stom lampje...

zaterdag 5 september 2009

Koninginnedag


Ronduit beschamend vond ik het.

Het optreden van radio en televisie van de afgelopen dagen rondom de onderzoeken naar aanleiding van het drama op Koninginnedag.

De mediaspelers bouwden hun eigen "feestje".

De documentaire, "Het verdriet van Koninginnedag", uitgezonden door RTL4, was doorspekt van ongezonde emotie en onnodige uitvergrotingen. Wat heeft het voor zin om steeds maar weer die Suzuki met volle vaart op die naald te zien klappen, of kinderen aan het woord te laten die, "het eigenlijk best wel erg vonden…?"

Het drama is al groot genoeg voor alle betrokkenen, en het is volkomen ongepast en buiten alle proporties om zo’n show te maken van een dergelijk menselijk verdriet.

Het nut van een reconstructie? Ik heb er mijn twijfels over, maar het is tamelijk overdreven om deze, op een dergelijke manier, in de publiciteit te zetten. Wat willen we ermee bereiken?

Voorkomen doe je dit soort acties niet, en de dader is dood.

Het is een gevolg van de steeds maar versnellende, verhardende en verkillende maatschappij waarin steeds meer mensen minder tijd en ruimte hebben voor elkaar.

Gelukkig hebben nog een crisis en kunnen we eindelijk eens een tandje lager. Misschien hebben we er één aanslag, in de volgende tien jaar, mee kunnen voorkomen?

zaterdag 29 augustus 2009

Hoe een rood lampje je leven tijdelijk op de kop kan zetten, deel 1


Kokend heet was ie, de auto. Ik rook al stinkend rubber onderweg, maar ach, er zijn zoveel luchtjes buiten.

Toch, in mijn onderbewuste, gleden mijn ogen misschien iets vaker over het dashboard.

Het rode lampje brandde als een onverbiddelijk oog, en de temperatuur schoot omhoog. Misschien is het toch handig om hem maar even aan de kant te zetten? Gelukkig een benzinepomp, iets met het water, dacht ik?

Tja, wat moet als je er, én geen verstand van hebt, én die hele stomme vierwielige klomp ijzer geen moer interesseert? Het ding moet van A naar B, en hij doet ut of hij doet ut niet. Braaf stond ik bij de pomp, met een busje van dat koelvloeistof. Zou dat er in moeten, en waar dan?

De dame bij de balie wist het ook niet, of ze wilde het niet weten...

Ik goot dapper de inhoud leeg in het nog bijna rokende blok. Klep dicht en rijden maar. Gelukkig, geen lampje meer en de temperatuurmeter schoot weer langzaam naar het veilige midden.

Het duurde niet lang, want, bijna thuis, was het weer raak. Zou ik dan toch...

Ik begon te twijfelen, en kreeg langzaam een donkerbruin vermoeden dat er méér aan de hand moest zijn. Ik reed het rokende, onwillige ding de parkeerplaats op. Mijn vriendin kwam direct buiten en vroeg of ze de brandweer moest bellen of direct 112.

Ik sloeg er het eerste uur geen acht meer op, en was al lang blij dat ik zonder ongelukken thuis ben gekomen.

’s Avonds kwam Bert kijken, een zwager. Auto’s is zijn lust en zijn leven. Kijk dat moet je hebben. Ik voel me dan bijna gruwelijk bezwaard, als ik die jongen onder mijn motorkap zie duiken. Ik ben een ondankbaar, onverschillig kreng wat dat betreft. Als auto’s ook gevoel hadden hielden ze het vast niet lang met me uit...

Bert hoefde niet lang te kijken. "Je radiator is lek", bromde hij, en hij lachte als een boer die kiespijn heeft. Ik zie hem denken... "Geen meter meer rijden met dat ding, en direct laten maken!"

Tja, direct? Onze automan is op vakantie, en pas volgende week terug. Dat wordt dus treinen, klokken, haasten, zweten tussen dampende mensen, wachten, en weer klokken.

Niks voor mij dus. Stom lampje...

dinsdag 25 augustus 2009

Weeralarm


Weer mis! Nou ja, van de 26 keer dat het is afgegeven sinds 2004 was het 19 keer toch nog raak. Maar dat hangt "weer" af van de normering. Waait het hard, iets harder, of nog iets harder?

Het slaat werkelijk nergens op, want een normaal denkend mens is wijs genoeg om zélf rekening te houden met het weer. Dat hoeft het KNMI niet voor ons te uit te kauwen, en bovendien is het onmogelijk de bewegingen van de natuur op die manier te "normeren". Dat moet je gewoon niet willen, hebben we niet genoeg aan de voorspelling?

Onweer is onweer, en als het regent wordt je nat. We weten allemaal donders goed dat je even de was binnen moet halen als je het droog wilt houden tenminste. Daar heb ik echt geen KNMI voor nodig.

Niet het wéér was dit keer het meest besproken onderwerp maar het weeralárm, maar het KNMI belooft beterschap. Gelukkig dacht ik, we zijn er van af. Maar nee, het wordt nog erger, ze gaan per regio een alarm afgeven.

Wat heerlijk toch zo’n instituut. Kan ik tenminste veilig de was ophangen in Limburg als het in Groningen regent...

donderdag 20 augustus 2009

De brand


We waren vanavond naar het concert van Jan Vayne en Martin Mans in de Bovenkerk in Kampen.

Na afloop fiets ik even langs het huis waar vannacht het drama zich afspeelde, hemelsbreed bijna bij ons in de achtertuin. Zo dichtbij, vier jongetjes uit een gezin van veertien kinderen redden het niet, de brandweer kon niets meer doen. Vreselijk is het, en zo ontzettend dichtbij.

Martin Mans begint het concert met, ingelast, meditatief orgelspel. De avond vult zich verder met het wervelende spel van Jan en indrukwekkende orgelsolo’s van Martin.

De soms, hoge, sprankelende tonen van de muziek vullen de kerk. Het lijken af en toe wel vlammetjes die plagerig om de dikke pilaren heen kronkelen. En mijn gedachten gaan terug naar het gezin dat door een hel moet zijn gegaan vannacht.

Het concert is afgelopen en ik wandel in de zwoele zomeravond naar mijn fiets. Veel mensen zitten nog buiten, en als ik in de buurt kom van het huis zie ik op enkele tientallen meters afstand nog een cameraploeg van een, mij onbekend, televisiestation. Verderop, aan de straat, staat nog een bus met iets van "broadcasting TV" erop.

Ik vraag me helemaal niets meer af, en zie rechts van mij de brandresten van het huis schril afsteken tegen de donkere Kamper avond. Ik ril, en kan aan niets anders meer denken dan aan het lot van het getroffen gezin.

Het wordt op dat moment doodstil om mij heen. Ik zie even niets meer en de wereld om mij heen wordt ontzettend klein. Wat is het nut, wat is de zin hiervan? Het gaat mijn verstand te boven.

We zongen ook nog het Wilhelmus. "Op U zo wil ik bouwen, verlaat mij nimmermeer..."

Leven en dood, het blijft een onbegrijpelijk mysterie. Zou er dan toch meer zijn tussen hemel en aarde? Ik weet het eigenlijk wel zeker, maar soms doet het vreselijk zeer.

Ik kom thuis, zet mijn fiets in de schuur en drink een biertje. Thuis, in dezelfde plaats, in dezelfde wijk, ook in een rijtje...

dinsdag 18 augustus 2009

Serves Up: Het dragen...


Nu we toch al vier delen onzin gehad hebben over de Serves-Up kan het volgende er ook nog wel bij.

Het gaat over het dragen. Tja, dat mag natuurlijk niet ontbreken in een serie vol "gemakkelijke ongemakken" over dit hoogwaardig product. Ik lijk wel gek, maar ik ga dapper door. Nog maar twee delen hierna en dan is het klaar. Ik vraag mij af of professor Lou de Jong zich ook zo gevoeld moest hebben toen hij zijn 14-delig werk voltooide over het Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog. Maar dat was andere koek...

Inmiddels heb ik uiteindelijk maar zo’n ding in huis gehaald, want stel je voor dat ik niet weet waar ik over klets. Dat zou mijn verhaal een stuk minder waarheidsgetrouw maken. Althans zoals ik het zie, want dat maakt nogal verschil. Uw waarheid is mijn waarheid niet en mijn waarheid gelukkig niet de uwe. Daar kunnen de kerken trouwens ook nog wat van leren denk ik...

Maar dat is weer een heel ander verhaal. Zo zie je maar hoe zo’n lullig ding discussie kan losmaken op allerlei gebied...

In de reeks met afbeeldingen is dus toegevoegd het plaatje "dragen". En wat direct opvalt, is dat er gelijk drie pakken vanillevla aan je vingers hangen! Natuurlijk, het is efficiënter, goedkoper, en het is pure tijdswinst. Want tijd is vooral gemakkelijk als je er te weinig van hebt.

Onzin natuurlijk, want iedereen heeft evenveel tijd, het is maar net hoe je het indeelt. Maar we zijn natuurlijk druk, druk, druk...
Vandaar die drie pakken vanillevla. Het is maar even dat u het weet.

En zo ploeter ik maar verder naar het volgende deel. Of er nog een climax komt? Werk ik ergens naar toe? Welnee, ik denk het niet, maar met mij weet je het nooit. In ieder geval zal het niet aan de Serves-Up liggen!

dinsdag 4 augustus 2009

Schiermonnikoog


Schiermonnikoog, wat een geweldig eiland!

We hebben natuurlijk het weer mee, en nou moet ik zeggen dat we met "weinig weer" tevreden zijn. Zelfs een kletterende regenbui kan ons bekoren. Heerlijk gewoon!

Als je tegenwoordig de weervrouwen en -mannen moet geloven dan lijkt het wel alsof we er bekaaid vanaf komen als we de 25 graden niet bereiken. Sommige drupneuzen noemen het gelijk al koud als het "maar" 18 graden is. We hebben gewoon een schitterende zomer dit jaar in Nederland!

Een kwakkelzomertje tot nu toe, hoor ik het weervrouwtje van RTL4 zojuist zeggen?
Toch lastig, als je de temperatuur als enige graadmeter ziet voor een "perfecte" zomer.

Elk Waddeneiland kent zijn eigen sfeer en identiteit. Ook Schiermonnikoog is in geen enkel opzicht te vergelijken met de andere parels in het waddengebied. En ik ga het ook niet uitleggen. Gewoon een weekje boeken, en de combinatie van zon, zee, zand en water doet de rest.

We fietsen braaf het eiland rond, vanuit het dorp langs de waddendijk richting het oosten naar de veerdam. Het is nog vroeg en de wadden ruiken wierig en zoutig. Het is eb en de groene, natte vlakte schittert tot op het vaste land. De zon staat nog laag en brandt al op ons lichaam. Meeuwen en schapen vliegen, (niet de schapen), langs de dijk en het geluid van honderden watervogels sterft weg in de zoute wind.

Verder naar het oosten buigen we af de kwelder in, daar waar de dijk ophoudt en het eiland overgeleverd is aan de grillen van eb en vloed. Een omgeving die niet te beschrijven is, en de natuur overweldigend op ons af komt.

Het pad gaat door de duinen richting het bos, en ineens wordt het stil, helemaal stil. Een bordje wijst ons naar de Vredenhof, een begraafplaats voor drenkelingen uit twee wereldoorlogen. Het pad is bijna geen pad meer, en we lopen zwijgend het hek door.

Hier liggen slechts namen, of zelfs helemaal geen namen. Geen opschrift, alleen maar een rand van stenen. Mannen die voor ons te pletter zijn geschoten en slechts in herinnering leven van hen die zo dichtbij waren. Hen, die soms niet eens weten dat ze hier, op dit stille eiland Schiermonnikoog, hun laatste rustplaats vonden.

Hier is het weer niet meer belangrijk, hier is geen crisis, hier is maar één wereld. De wereld van ons, op Schiermonnikoog...

zondag 2 augustus 2009

Homoparade


Is de veertiende Canal Parade in Amsterdam een uiting van tolerantie ten opzichte van homo’s in Nederland, zoals sommigen beweren?

Voor- en tegenstanders roepen zich, zoals elk jaar, weer uit over het botenfeestje. Minister Plasterk zwaait vrolijk met zijn hoed en is "solidair". EO-presentator Manuel vanderBos mag niet mee van zijn werkgever, en Gordon huppelt uitbundig mee in zijn roze Sinterklaaspak.

Ironisch genoeg beweert een ruime meerderheid van de jongeren dat "het feestje van relnichten" een verkeerd beeld oplevert van homoseksualiteit. En gelijk hebben ze, want als je deze vertoning een symbool noemt van tolerantie dan vergeet je even dat de helft van Nederland zich afzet tegen alles wat homo is.

Maar we gaan de goede kant op, want ook steeds meer hetero’s doen mee aan het jaarlijkse homocarnaval. En dan zijn we toch precies waar we wezen moeten, of toch niet?

Het moet Frans Monsma, (één van de initiatiefnemers), als muziek in de oren klinken! Maar het tegengestelde is waar want hij vindt het maar niets, al die hetero’s bij zijn feestje.

Acceptatie van homo’s in Nederland? Niks mis mee, maar gebruik geen jaarlijkse homoparade om dit te kunnen bereiken, want dit heeft niets met tolerantie te maken...

zaterdag 1 augustus 2009

Terug uit Curacao


Alsof er geen twee mensen vanavond vertrekken naar het polderlandje aan de zee, gaat Curaçao onverstoorbaar door. De troepia's fladderen met hun schetterend geluid af en aan in de struiken, de vuilniswagen ronkt al weer vroeg in de straat, de honden blaffen, en het ochtendlicht doet de schemer snel verdwijnen.

We zitten buiten aan de koffietafel, in het huis van mijn zwager, en we zeggen een poosje niets tegen elkaar. Allebei hebben we zo onze eigen gedachten. Afscheid nemen is altijd een persoonlijk proces en, zoals na elke vakantie, is er ook een moment dat het genoeg is geweest.

Een tropische regenbui klettert plotseling langs, en het water komt met bakken uit de hemel. Twee minuten later is het weer droog en schijnt de zon weer uitbundig tegen een strak blauwe hemel. We hebben rijkelijk genoten van deze tropentaferelen en het is net alsof je vandaag alles nog een keer in je geheugen wilt plakken.

Maar het vliegtuig is vanavond onverbiddelijk en binnen een paar minuten ben je ver weg van alles. Toch wint het terugkeergevoel het van het afscheidsgevoel, maar dat maakt juist beide belevingsvormen bijna volmaakt, zou ik haast zeggen. De bewéging is belangrijker dan het ergens zíjn. De plék is tijdelijk, vervaagt, en verdwijnt uiteindelijk in het universum...

Tegen de middag is alles schoon en ingepakt. Om drie uur komt Henny met zijn auto het erf oprijden en een uur later vertrekken we naar het vliegveld. De formaliteiten zijn snel geregeld en als we de koffer kwijt zijn lopen we naar buiten. Even verderop is een geschikt tentje waar we onder het genot van een biertje de laatste dingen "bespreken".

Het moment is daar om afscheid te nemen. Ik geef mijn zwager een stevige handdruk en ondanks dat ik probeer bij dit soort dingen altijd gewoon te doen, alsof je elkaar morgen weer ziet, zit er toch wat vast in je keel. Mijn vriendin neemt innig afscheid van haar broer en er komt een brok bij.

Zo gaat dat op vliegvelden, zo gaat dat als het goed is geweest, zo gaat dat bij weerzien en afscheid nemen. Partir, c'est mourir un peu. Zo omschreef een Franse schrijver het destijds, afscheid nemen is een beetje sterven...

We zwaaien nog een keer, en Henny verdwijnt tussen het reizigerspubliek. We zijn weer alleen, en na de nodige controles vertrekken we op schema en rolt de blauwe "vogel" naar de startbaan.

De captain spreekt de bemanning toe: "Take your seats, we're ready for takeoff." De motoren brullen en we knallen we de baan over. Palmbomen schieten voorbij, en de machine komt na enkele ogenblikken los van de grond. De piloot maakt vrijwel onmiddellijk een scherpe bocht naar links, bijna oneerbiedig zou ik haast zeggen om op een dergelijke manier zomaar weg te vliegen van dit prachtige eiland.

Curaçao glijdt snel achter ons weg in de diepte, en maakt plaats voor de oceaan die geruisloos schittert in de ondergaande zon! Het eentonig gezoem van de KLM-machine maakt ons slaperig. De rode horizon steekt af tegen het donker van de nacht waar we snel zullen in glijden. Een steward komt langs met zijn karretje, en stoort in ons dromen: "Wilt u witte of rode wijn bij het eten?"

We gaan naar huis, waar onze ouders wachten, waar boeren hun vrouwen zoeken, waar het water weer warm uit de kraan komt, waar de heide bloeit op de Lemelerberg...

Busongeluk


Het tragisch busongeval in Spanje heeft de media weer flink bezig gehouden. Maar is het nou echt nodig om dit soort rampen tegenwoordig tot op de millimeter uit te vergroten?

Het past niet in een nieuwsbulletin om precies aan te geven hoe laat hulpdiensten precies aanwezig waren en wat een touroperator allemaal wel of niet heeft kunnen doen om hulp te bieden. En dan de volkomen misplaatste accenten die worden gelegd.

Het eerste dat altijd opvalt is het feit dat beslist het aantal Nederlanders moet worden genoemd dat het slachtoffer is geworden. Maakt dat het leed er meer of minder dramatisch door?

In een later stadium bleek dat er ook een aantal gehandicapten de ramp niet hebben overleefd. Dat is natuurlijk verschrikkelijk maar is het nou nodig om deze groep apart te noemen? Wat wil men er mee aangeven? Deze mindervalide groep is toch al zo hulpbehoevend en dan ook nog dit?

Laat ook deze mensen en hun familie in hun waarde door ze niet een aparte positie te geven in dit drama. Het is al erg genoeg dat zoiets heeft moeten gebeuren...

woensdag 29 juli 2009

TBS


Het TBS-systeem staat weer eens ter discussie. Veroordeelden kunnen kiezen tussen een gevangenisstraf en een TBS-behandeling.

Een gevangenisstraf heeft een begin en een einde. De straf is overzichtelijk, TBS niet. TBS kan worden verlengd, en dit wordt dan ook steeds vaker gedaan omdat de samenleving en de politiek 100% garantie verlangt, (aldus kliniekdirecteur Jos Poelmann uit Nijmegen), maar dat kan natuurlijk niet.

Maar het raakt wel de kern van het probleem, want, natuurlijk kan dan niet. Daarom is het TBS-systeem in, deze vorm, ook van den zotte. Als je een crimineel vrijlaat, met of zonder behandeling, is niet realistisch om te denken dat er nooit weer iets zou kunnen gebeuren. Sterker nog, als je dit wilt bereiken dan moet je heel Nederland, uit voorzorg, maar vast opsluiten...

Het TBS-systeem kan slechts werken als je dit soort verwachtingen drastisch gaat bijstellen. Als een veroordeelde, na een gevangenisstraf van een aantal jaren, terugkeert in de samenleving heb je ook geen garantie! Het probleem is dus niet het systéém, maar de overgevoelige resultaatgeilheid in de tegenwoordige maatschappij!

Als je volledige garantie wilt, moet je criminelen levenslang opsluiten. Anders moet je gewoon zo reëel zijn dat het risico van herhaling aanwezig blijft!

dinsdag 28 juli 2009

Serves Up: Het pakken...


In deel vier van de Serves Up-soap gaat het over het pakken. Want, je zult het ding maar niet meer kunnen pakken als we al neergezet hebben, geopend hebben, en geschonken hebben. Natuurlijk, als we nou toch bezig zijn, kunnen we wel van alles gaan verzinnen.

Moeilijk voor een criticus zoals ik om scherp en origineel te blijven, maar ik heb het mezelf aangehaald dus vooruit met de geit. Wat die stomme fabrikanten al niet kunnen loshalen in je...

Vooruit met de geit dus. We hebben een Serves Up die we kunnen neerzetten, waar we mee kunnen openen en schenken. En zo langzamerhand wordt het mij duidelijk dat het één niet zonder het ander kan, en kan ik alleen maar tot de conclusie komen dat alle fases alleen al om die reden zo bewust zijn uitvergroot door de maker van dit fantasieloos apparaat.

Want, als je toch al gevangen bent door de "handigheid" van de Serves Up, ga je natuurlijk alles doen met dat ding, en is er geen leven meer zonder! En dat maakt het natuurlijk weer bijzonder lastig om kritisch te blijven naar de bruikbaarheid.

Als je eenmaal hebt néérgezet met de Serves Up, geópend met de Serves Up, en daarna geschónken met de Serves Up, is het bijna crimineel om te gaan pakken zónder de Serves Up. Je moet haast wel, en de vraag of het nou handig is of niet, doet al niet meer ter zake.

En dat is nou precies waar de fabrikanten en reclamemakers ons willen hebben. Niet voor niets staan de keukenkastjes in de meeste huishoudens vol met waardeloze prulapparaten die we zelden gebruiken.

Dat komt omdat we zijn gehersenspoeld, gebrainwashed, (gewoon een vertaling maar het woord is wel grappig), en op het verkeerde been gezet. Want de reclame is één grote leugen, en de geest is gewillig maar het vlees is zwak...

En dan moeten we afkicken, ontbinden, back to base, en is het nu nog maar een kleine stap van de Serves Up naar de psychologie. Zover zal ik niet gaan, tenminste niet nu in dit deel. Maar er komen er nog drie waar ik nog alle kanten mee uit kan.

Waar zo’n ding je al niet kan heen voeren, ik lijk wel gek! Maar het komt goed met me, zeggen ze...

maandag 27 juli 2009

Veilig internetten


Internet is niet veilig, en daarvoor komt er een campagne.De zoveelste, om mensen voorzichtiger te maken met internet.

Maar waarom minister Hirsch Ballin dit nu juist weer op een camping onder de aandacht moet brengen is natuurlijk weer volslagen onzinnig.

Want waarom zou je juist op een camping veilig moeten internetten? Thuis maakt het niet uit? Als je thuis voorzichtig moet zijn met het publiceren van privégegevens, is dat dan op een camping nog erger?

En dan de manier waarop hij zich presenteerde op camping Kijkduin. Wil je dan nog enigszins op dezelfde golflengte gaan zitten als de verregende en verveelde campinggast, ga dan niet in pak alsjeblieft. Dat komt niet over.

Loop gewoon lekker langs twaalf tenten, drink een biertje en wees chagrijnig om het weer. Dat komt beter over dan in pak te verschijnen en plaats te nemen in een rij stoelen op een soort graspodium.

Het kabinet maakt zich weer eens belachelijk op deze manier, en scoort niet.

Waarschuwen voor de criminaliteit op internet is natuurlijk goed, maar breng het dan professioneel en op een volwassen manier onder de aandacht, en zet je niet te "kijk" op een camping in Kijkduin.

zaterdag 25 juli 2009

Serves Up: Het schenken...


Inmiddels zijn we toe aan het derde deel van de zinderende Serves Up uitvinding, het schenken.

Want, stelt u zich eens voor zeg dat je niet zou kunnen schenken met dit "hoogwaardig" product. Dat zou in een keer het neerzetten, en het openen, totaal overbodig maken.

Want waarom zou je een Serves Up gebruiken voor het neerzetten en openen, als je er niet mee kunt schenken? Lijkt me niet zinvol, dus voor de volledigheid net zoals bij de andere fases, maar weer een verklarende tekst en tekening.

Met neme het pak melk, (in de Serves Up natuurlijk), en kantelt het licht naar voren. Het liefst boven een glas of beker, om te voorkomen dat de Serves Up in een wat dubieus daglicht zou komen te staan als men de kostbare inhoud zou laten verdwijnen in het niets...

Bovendien zou dit een dusdanig effect hebben dat er, met man en macht, dweilen en emmers zouden moeten worden aangesleept om de oorspronkelijk situatie weer te laten terugkeren.

Het is dus zeer aan te bevelen, alvorens het geopende pak te kantelen, te zorgen voor voldoende opvangmogelijkheden. Maar dit wordt, wonderlijk genoeg gezien het niveau van de operatie, als vanzelfsprekendheid gezien...

Maar nu de hamvraag die in elke fase onverbiddelijk terugkeert: zijn we werkelijk beter af met de Serves Up?

Als je naar de tekening kijkt lijkt het me zeer dubieus, en zie ik geen voordelen ten opzichte van het gewone handgebruik. In deze derde fase is het dus wederom gebleken dat we beter af lijken te zijn zónder dat ding.

Jammer voor de fabrikant, maar zelfs het zoeken naar gebruiksgemak valt mij zwaar en lijkt het zelfs een onmogelijke opgave te worden. Maar we hebben nog vier delen te gaan, en wellicht gaan we nog onverwachte dingen beleven...

dinsdag 21 juli 2009

Serves Up: Het openen...


We gaan de Serves Up openen. In het eerste deel kwam het neerzetten aan de orde, en nu gaan we het pak openen. Een totaal andere handeling, die wellicht met dit geweldige baanbrekende middel als de Serves Up, nu toch voor verrassingen zou kunnen gaan zorgen?

Ik verbaas me wederom over de genialiteit die aan de basis ligt voor een dergelijke uitvinding. Want natuurlijk gaat het erom, het pak yoghurt of melk, net zoals u wilt, met behulp van de Serves Up een stuk gemakkelijker open te krijgen. Ter verduidelijking gelukkig weer een tekeningetje, dat de omschrijving aanzienlijk zou kunnen verhelderen.

Maar alweer wordt mijn geduld stevig op de proef gesteld, en aan het begin van mijn analyse is de toon helaas alweer gezet. Het ziet er buitengewoon lullig uit.

Toch moet ik toegeven dat, als het pak fruitige melk reeds in haar eerste stadium stevig gevangen zit in de Serves Up, de handeling van het openen aanzienlijk omslachtiger wordt als het eerst weer moet worden ontdaan van zijn houder, om daarna de openingshandeling op de normale wijze te verrichten.

Want als het ding er eenmaal omheen zit, lijkt het me omslachtig deze eerst te moeten verwijderen en dan de dop los te draaien. Toch ben ik geen steek verder want ik acht nog steeds het nut van fase 1 niet bewezen zoals u al hebt kunnen lezen in het eerste deel van dit relaas.

Het openen met behulp van de Serves Up heeft dus nog steeds geen toegevoegde waarde, hoezeer ik mij ook inspan om de fabrikant enigszins te kunnen begrijpen. Maar ik geef het nog niet op. We zitten pas in fase 2.

Wordt vervolgd...

maandag 20 juli 2009

BNN


Roddelkoning Albert Verlinde won het kort geding dat hij had aangespannen tegen BNN, en wist daarmee te voorkomen dat heimelijk gemaakte tapes van zijn privéleven zouden worden uitgezonden door BNN.

Op zich een doodgewoon "roddelbrandje", dat je kunt verwachten als je je bezig houdt met geestdodende televisie.

Wat veel erger is, is het volledig misplaatste argument van presentator Filemon Wesselink van BNN. Het zou wel eens goed zijn om te kunnen laten zien dat iederéén het slachtoffer kan worden van de roddelpers, aldus Wesselink. Natuurlijk, logisch toch?

Maar een slachtoffer is nog heel wat anders dan een mikpunt! Als Verlinde een auto-ongeluk zou veroorzaken waarbij gewonden zouden vallen, dan vindt Wesselink het blijkbaar nodig om meteen maar Albert zélf ook tegen een boom aan te knallen, om te laten zien dat iederéén dit kan overkomen?

Bovendien maakt hij zichzelf natuurlijk zeer ongeloofwaardig als je eerst de roddelpers als probleem aankaart, en vervolgens met dezelfde middelen iemands privéleven naar de bliksem wilt helpen?

Het is natuurlijk helemaal de kleur van BNN. Maar dat je met dit soort normvervagende programma’s een niet onbelangrijk percentage van een grote groep jongeren op het verkeerde been zet, dat zijn ze even vergeten bij BNN?

zaterdag 18 juli 2009

Serves Up: Het neerzetten...


Het verhaal ligt op straat. Dat blijkt maar weer eens tijdens een gewoon winkelbezoek in de plaatselijke super. Mijn oog viel op een "Serves Up". De decadentie ten top, want hoewel ik me nog enigszins kan voorstellen dat het reclamemakers slechts om geld is te doen, slaat dit werkelijk alles. Al kreeg ik er tonnen voor, ik zou dit niet op mijn geweten willen hebben. Als je dit verzint moet je wel vreselijk met je zelf in de knoop zitten...

En alsof de mensheid nog niet genoeg op het verkeerde been is gezet, wordt de "Serves Up" ook nog eens voorzien van een uitgebreide technische uitleg, die door middel van foto’s visueel wordt gemaakt. Overschat de klant niet, want je moet wel van zeer goede huize komen wil je deze constructie kunnen begrijpen zonder tekst en uitleg.

Laten we de zaak eens grondig van dichtbij bekijken. Wellicht kom ik toch nog voor verrassingen te staan en zal ik mijn mening moeten bijstellen. Ik acht deze kans zeer klein, maar ik zal desalniettemin mijn empatisch vermogen volledig de ruimte geven om zowel mijzelf als de welwillende lezer niet met ongewenste vooroordelen in dit stadium op te zadelen.

Het lijkt me overigens nuttig, gelet op de ingewikkelde constructie, de Serves Up in delen te gaan analyseren aan de hand van de plaatjes die ook op de website worden getoond.

De eerste stap gaat over het neerzetten van de Serves Up. Stel, je hebt een pak melk, vla, fruitdrink, yoghurt of iets anders van die strekking, dan zul je dit ergens moeten "neerzetten". De reclamemaker heeft hier vast en zeker nachten lang van wakker gelegen. Want hoe maak je nou aannemelijk dat het beslist een stuk ongemakkelijker is om zonder hulp van die Serves Up je pak vla een plek te geven in je de koelkast?

Ik denk dat hij er nog steeds wakker van ligt, want ik zie het niet. Wellicht heeft hij, (of zij natuurlijk), om die reden gemeend de zaak dan maar visueel te maken, dan lijkt het nog wat. Maar juist een dergelijk plaatje maakt de zaak bijzonder verdacht. Bovendien zal de goedwillende klant toch een extra handeling moeten verrichten, want die Serves Up ligt natuurlijk ergens in een la, of zit misschien net om een ander pak vla en dat maakt het weer een stuk arbeidsintensiever...

Er is nog iets waar de bedenker wakker van zou kunnen liggen, en dat is het volgende. Naast de mogelijkheid om een pak neer te zetten, is er natuurlijk nog een andere optie. Juist, u raadt het al, neerleggen! Zeker niet te onderschatten, en wellicht zijn er in de Nederlandse koelkasten nog wel meer liggende pakken, dan stáánde pakken. Maar daar heb ik helaas geen cijfers van, en misschien dat RTL4 er eens een lullig onderzoek naar kan doen...? Maar dit terzijde.

En om nou alleen een Serves Up te gaan gebruiken om het geopende pak meer houvast te geven lijkt volslagen zijn doel voorbij te schieten.

Korte samenvatting en conclusie:

Het neerzetten van een pak melk kan veel gemakkelijker zónder Serves Up. Zou de uitvinder nog steeds wakker liggen van zijn banale ideeën...?

Het volgende deel gaat over het openen van de Serves Up.

Wordt vervolgd...

donderdag 16 juli 2009

Diepvriesbaby


Het invriezen van embryo’s is aan de orde.

Na de discussie, vorig jaar, over het al of niet verbieden van onderzoek met embryo’s hebben we opnieuw een ethisch gevoelig element te pakken. Zoals verwacht zijn ChristenUnie en CDA er vierkant tegen, en de PvdA wil eerst de gevolgen in kaart brengen.

Een embryo invriezen, mag dat niet dan? Het is natuurlijk helemaal geen kwestie van wel of niet mogen, want het bloed kruipt toch waar het niet gaan kan, en de techniek schrijdt voort. Ik ben er ook geen voorstander van. Maar de vraag die veel interessanter is, is deze.

Wat brengt een mens tot deze keuze? Invriezen, en later bevallen? Ik wil wel een kind, maar ik heb nu ff geen tijd? Als je de onvoorspelbaarheid en de onschuld van het leven begrijpt, dan máák je je niet druk om dit soort belachelijke keuzes.

Het gaat er dus helemaal niet om of het wel of niet mag, want er is niemand die dat bepaalt, ook God niet! Het gaat om de vraag, waarom mensen het leven zo willen inblikken, bestuurbaar en kneedbaar willen maken, terwijl er eigenlijk helemaal niets te regisseren valt?

Zélfs geen kinderen op afroep...

maandag 13 juli 2009

Loat maor weien


Veenhuizen. We fietsen er wel eens doorheen sinds we de weekenden in Norg verblijven.

Over een paar uur zal ik, in een Drentse kerkdienst, voor het eerst daar het kerkorgel bespelen.

De schitterende achtkantige kerk staat aan het begin van het voormalig gevangenisdorp, en vanmorgen werd ik wegwijs gemaakt door de koster. De lichtblauwe kleuren van de kerkbanken vallen me direct op als we binnen komen. Een steile ronde trap brengt ons naar boven en we kijken een paar ogenblikken lang vanaf de balustrade, (die helemaal rondloopt), naar beneden.

"Hier zaten vroeger, onder begeleiding, de gedetineerden", vertelt de koster. "Nu zitten er hooguit nog een paar die gewoon op eigen houtje de kerk binnen wandelen". Tijden veranderen, ook in Veenhuizen.

Even later zoek ik mij, bijna letterlijk, een weg naar de speeltafel, die verscholen zit onder het hoofdwerk achter een houten deurtje met het slot er verkeerd om in. Mij ontgaat enigszins de logica van deze slotconstructie, maar de Rijksgebouwendienst zal er wellicht een reden voor hebben gehad.

Terwijl ik plaats neem glijden mijn ogen vluchtig langs de registers en kan ik niet langer mijn nieuwsgierigheid bedwingen om het instrument te bespelen. De wind giert door het mechaniek. Het orgel is er klaar voor, en de eerste zachte tonen van de acht- en viervoet klinken door het lichte kerkje.

Acht- en viervoet? Klein uitleg. Hoe langer en breder de orgelpijp, hoe lager en zwaarder het geluid. Een twee-voet kan het geluid voorbrengen van een licht klein fluitje, terwijl een zestien-voet, en soms nog langer, het orgel de zware tonen laat voorbrengen.

Een Drentse kerkdienst dus, met als thema: "Loat moar weien", (laat maar waaien). Een tekst die vertaald is uit muziek van The Beatles.

Ik heb niet zoveel meer met het instituut "kerk", wel met de mystiek en de beleving zoals dat bij iedereen gelukkig weer heel anders is.

Zondagmorgen. De regen komt met bakken uit de hemel als ik kom aanrijden. De koster heeft koffie, en ik kreeg een ingeving. Natuurlijk, de piano! Let it be, van The Beatles, hoort niet thuis op een kerkorgel.

Het werd een succes, met name door de aanwezigheid van een aantal gedetineerden. De muziek van The Beatles sloeg in als een bom! Een van hen kwam na de dienst bij de piano staan, en wachtte rustig af tot de klanken waren uitgewaaierd naar de acht hoeken van het lichtblauwe kerkje.

Hij speelde basgitaar, en we raakten even aan de praat.

Dit is dus ook kerk. Mensen die bij elkaar komen, met hun eigen muziek, hun eigen idealen, hun eigen levensvragen. Misschien moeten we iets minder kerkje spelen, zoals we dit al eeuwen gewend zijn, en oude vormen los durven laten? Ik denk dat het helemaal geen kwaad kan.

Loat moar weien, dus…

vrijdag 10 juli 2009

Michael Jackson


Afgelopen dinsdag volgden duizenden mensen de herdenkingsceremonie van Michael Jackson, en miljoenen nog eens op internet en tv.

En zoals ik niet anders had verwacht zagen we de typisch Amerikaanse taferelen, die vergelijkbaar waren met de Hazes-herdenking een paar jaar geleden in de Arena.

Bekende artiesten, (van wereldformaat), konden in hun mierzoete odes aan de overleden popzanger hun emoties niet bedwingen, en goten de meest goed bedoelde, maar sterk uitgeholde en lege clichéteksten uit over het gewillig publiek, dat vanzelfsprekend meeging in het sfeertje.

Ik word altijd argwanend als ik dit soort massahysterie zie. Want waarom doen mensen dit?

Opvallend is dat bijna iedereen zijn of haar lofliederen besloot met: "Michael, we’ll miss you", of iets dergelijks. We? Waarom niet, ik? Gaat dat te ver, en wordt dat te persoonlijk?

De tranende artiest van wereldformaat verschuilt zich achter de "we"-vorm? Tja, zo’n band had ik toch ook weer niet met die Jackson? Ik ga daar een beetje voor de hele wereld verklaren dat IK hem mis? Nee, dat is niet cool...

En dan het moment met dochter Paris. Kippenvel kreeg ik toen ik de beelden zag van het meisje dat omringd was door iets te opdringerige familie die haar allemaal tegelijk wilden troosten terwijl ze haar tekst uitsnikte. Ik zou, denk ik, wild om me heen zijn gaan slaan op zo’n moment. Arm kind, en dat voor het oog van miljoenen over de hele wereld. Bijna mishandeling...

Eigenlijk was het een zielige vertoning, een mediacircus, een publieksevenement. Waarom laten mensen zich zo gaan voor iemand die je nauwelijks, of zelfs helemaal niet, kent?

Tja, en waarom zou je eigenlijk rouwen om een overleden popartiest, als je al een kaartje heb kunnen bemachtigen? Dat is toch veel leuker?

En morgen? Morgen is iedereen het hele circus weer vergeten en kijken we weer gewoon, op de camping, naar de Tour de France.

Het leven is toch vreselijk simpel...

dinsdag 7 juli 2009

Riek zweeft...



De bon ligt al maanden in het laatje, maar nu gaat het dan toch echt gebeuren. Riek gaat vliegen, zwééfvliegen! Het is een cadeau van zoonlief uit Curaçao.

Het weer liet het afweten de vorige keer, maar afgelopen zaterdag was het eindelijk zover. Met de hele familie togen we naar het vliegveld op deze zonnige dag. Ik had ze al vaak zien vliegen boven het dorp, en ik verbaas me nog altijd over het spel van natuurlijke krachten dat een dergelijk kunststof modelletje in de lucht houdt.

Maar Riek vertrok geen spier, en stapte dapper aan boord. Geen spoor van zenuwen te bekennen.

De sfeer op het vliegveld moet je meegemaakt hebben. Stoer, maar ook relaxed. Veelal jongere mensen, met petjes en dure zonnebrillen, alsof ze straaljagers gaan vliegen in de meeste belangrijke missies.

Mijn schoonmoeder had een piloot met twintig jaar ervaring. De riemen gingen vast en we mochten er met onze neus bovenop. "Ik kom uit het dorp", antwoordde Riek op de vraag van de man uit Elburg.

Omdat we vroeg op het vliegveld waren en we een uur hebben gewacht hadden we al een aantal vliegtuigjes zien opstijgen. Met een hoek van bijna 45 graden, werden de superlichte polyester vogels pijlsnel de lucht ingetrokken.

Riek zat inmiddels in de riemen, kreeg nog wat uitleg van de Elburger, en daarna ging de kap dicht.

Wij werden achter de vleugels geleid om het apparaat de vrije baan te gunnen, en daar ging ie met een bloedgang de lucht in. Op zo’n honderd meter werd de kabel los gekoppeld en viel het spul aan een kleine parachute naar beneden.

En daar, heel hoog al, zweefde Riek in de zon zomaar tussen de andere "vogels", en we voelden dat het goed was. Een man op de grond was zo vriendelijk om ons van alles uit te leggen over thermiek en aardwarmte. Ik kon het nog net begrijpen...

Ruim een kwartier later keerde het vliegtuig terug, en bijna geruisloos landde het soepel op de grasbaan. We zagen Riek in de verte uitstappen, druk in gesprek met de piloot. Het was een avontuur, een prachtig avontuur, zo begrepen we uit haar verklaring die ze gaf, toch wel met een kleur in het gezicht. Echt geweldig was het!

We hadden trouwens allemáál de dag van ons leven. Want als je een dame van 74 jaar zo ziet genieten, dan is er alle reden tot vreugde.

Die dag kon écht niet meer stuk...

donderdag 2 juli 2009

Terug naar huis


"Hij is weg gevlogen, en komt nu niet weer terug."

We zitten buiten, in de namiddag, achter het huis en mijn schoonvader begint zomaar te vertellen...

"Weet je nog wel dat ik toen die duif had, die magere, met een ring van 1987? Ik knik instemmend. "Steeds kwam hij weer terug, maar tjonge, tjonge, wat mager zeg! Ik gaf hem iedere keer te eten, en ik had hem al een poos niet meer gezien."

Henk vertelt rustig, maar gedreven, verder. "Die vogel komt uit Engeland", en ik vraag waarom hij dat zo zeker weet. "Nou, dat staat op de ring, en zondag was hij er voor het laatst."

Henk nipt aan zijn biertje, en op zijn voorhoofd parelen de druppels van de warmte. "Nee, die komt niet weer."
"Veel te zwak geweest om de reis terug te aanvaarden, en nu komt hij niet weer terug."

Ik meen een lichte trilling, maar vooral ook trots, in zijn stem te bespeuren...

"Vast en zeker een poosje geleden, toen we zoveel wind hadden, uit de koers geraakt, maar donders wat mager!"

Het is bijna te warm buiten en net voordat we aanstalten maken om binnen even verkoeling te gaan zoeken komt de conclusie, en dat kon er maar eentje zijn:

"Die vogel is weg, naar ’t noorden, met de wind op de staart, en is nu thuis in Engeland"!

En zo is het, en niet anders. Henk pakt zijn lege glas en stommelt achter me aan naar binnen. De zon zakt langzaam weg, en haar namiddagschaduwen fluisteren door het groen in de achtertuin.

En alleen wij kennen de geschiedenis van de oude duif, die uiteindelijk terugkeerde naar zijn vaderland, aan de andere kant van de zee...

maandag 29 juni 2009

Levensgeluk


Het lijkt wel of de bril van Wouter Bos evenzo "wereldnieuws" is als de dood van Michael Jackson.

Wat een drama zeg. Vorig week berichtten de media over de wantoestanden in het declaratieverkeer van de gemeenten. RTL4 presteerde het om de helft van hun nieuwsbulletin te vullen met een opsomming van onzinnige statistieken over de hoogte van allerlei declaraties van burgemeesters en hun ambtenarenapparaat. En dan kun je alles nog eens nalezen op de website, ja, ja...

Maar wat heeft het voor zin om deze informatie de huiskamer in de te slingeren? Worden we daar gelukkiger van? Nee, natuurlijk niet. Het maakt mensen alleen maar chagrijniger en hebberiger, voor wie er gevoelig voor is. Maar het zijn toch onze belastingcenten?

Ja, ja, maar ik ga mij echt niet druk maken om de zonnebril van Wouter Bos. Dan kan ik me nog wel wat anders voorstellen. Het is toch echt een zaak van de overheden, en niet die van mij. Alle tijd die we besteden aan het (declaratie) gedrag van een ander is verloren tijd en vergiftigt ons systeem. Zonde, want er is gelukkig nog zoveel te genieten...

zaterdag 27 juni 2009

The King...


Weer een "King" overleden. De wereld is in rep en roer, en je vraagt je af waarom mensen het voor zichzelf zo ontzettend moeilijk maken.

Hoe kun je zo van de kaart zijn, door het overlijden van iemand die je nauwelijks, of zelfs helemáál niet kent? Ben ik te nuchter of gevoelloos, als ik de dwaasheid rondom een idool, (in dit geval Jackson), niet kan vatten? Met alle respect overigens voor de nabestaanden, die wérkelijk wat met hem hadden.

Ik hoorde iemand zeggen dat zijn wereld compleet instortte, toen hij het nieuws vernam. Mensen, die voor de camera hun emoties niet in bedwang konden houden, en het suggestieve herhalen van mogelijke doodsoorzaken door de media. En voor wie het nog niet wist, de aangekondigde concerten van de popzanger gaan niet door...handig om te weten natuurlijk.

Dwaas? Ach, ieder voor zich, en ik wil en mag daar geen oordeel over vellen. Maar het zou een stuk gemakkelijker worden als mensen zich wat minder zouden laten meeslepen. Je kunt de muziek prachtig vinden maar als je zo ver moet gaan dat je verslaafd raakt aan je idool, en het zelfs als een stukje "bezit" gaat ervaren dan krijg je dit soort taferelen.

Want, we leven in een wereld waarin we ons zelf hebben wijs gemaakt dat we niet meer zonder die ander kunnen. Het was ónze Michael en eigenlijk nemen we het hem, bij wijze van spreken, ook nog een beetje kwalijk want hoe kun je ons nu verlaten?

Is het niet simpel consumptiegedrag, dat we alles en iedereen willen bezitten? We moeten worden vermaakt door die ander, en we zakken zelf steeds verder weg omdat we alle creativiteit zijn verloren om voor ons zelf steeds weer een wereld te scheppen waarin we ons tevreden voelen.

Als we ons gebrek aan levenslust moeten zoeken in een ander, dan is er al eeuwen lang iets grondig mis in ons systeem...

Michael Jackson is er niet meer en is wellicht nu in een betere wereld. Als je het wilt geloven dan mag dat.

Misschien is er juist wel reden tot vreugde? Niet voor de fans... Maar daar ging het ook niet om, toch?

woensdag 24 juni 2009

Camera


Onze digitale camera was stuk. Nog steeds trouwens, maar we hebben er nu twee. De kapotte, en een nieuwe. Er ligt zelfs nog een derde ergens in de la, bijna nieuw nog, en waarschijnlijk één van de laatste analoge exemplaren van deze eeuw.

We kochten dat ding toen we nog redelijk antidigitaal waren, wat foto’s betreft dan. Want die kijk je in een album, dat bladert zo gezellig. Maar kort daarna kregen wij “the digital camera” bijna letterlijk in de schoot geworpen. Een familielid had het ding over en we waren vanaf dat moment verkocht.

Maar die is nu dus stuk, heeft zijn tijd gehad, en heeft zijn prachtige plaatjes "geworpen".

Op zoek naar een nieuwe camera dus. Wij naar een winkel in Assen. Zo’n winkel waar je bijna uitglijdt op het marmer en verblind wordt door kostbare glazen vitrines met te dure halogeenverlichting. Achter de balie stond een grijs gekuifde meneer van middelbare leeftijd, bril op de punt van zijn neus, die alles leek te weten van, (vooral), toestellen die het niet meer doen.

Een beetje hulpeloos, niets vermoedend van wat ons te wachten stond, vroegen we aarzelend wat er aan de hand kon zijn met ons vertrouwde toestel wat ons jaren heeft voorzien van leuke plaatjes. Ach, je gaat er een beetje van houden...

Maar de "kuif" keek bijna minachtend naar het apparaat dat we zorgvuldig voor hem hadden neergelegd op de balie, stak ging er geen vinger naar uit, spuugde nog net niet, en had al drie passen gezet richting zijn glazen vitrines, waar de meest dure soorten en maten lagen te blinken...

Blijkbaar verkeerd merk? Hield hij niet van geloof ik, en wij niet meer van die man! Dankbaar verlieten we de gemarmerde winkel, (even diep doordenken), en ademden de gezellige sfeer van winkelend Assen weer in.

Een paar dagen later slaagden we bij de Mediamarkt. Duizend toestellen, nou ja dat lijkt zo daar, en een professionele uitleg van een gewone jongen in een gewone spijkerbroek, en alle tijd van de wereld. En we wisten precies wat we wilden, dat scheelt.

Die grijze kuif zijn we al lang weer vergeten...

Zou hij zich ooit nog eens afvragen waarom hij ons geen camera heeft verkocht? Ik zit er niet mee...

zaterdag 20 juni 2009

Tussen twijfel en inzicht


Soms kun je door het lezen van een boek veranderen, zegt het boek zelf. Niet het boek zegt dit, maar de schrijver.

Ik las er twee poosje geleden: Van de Kaart, (het Manifest van een gepassioneerd twijfelaar), van Boele P. Ytsma, (een oude vriend van mij), en het andere boek: Een Ongewoon Gesprek met God van Neale Donald Walsch.

Beide boeken gaan over God, de twijfel, de vraag naar de zin van het leven, of juist het tegenovergestelde.

Boele is theoloog en pastor, en schrijft in zijn boek over twijfels die naar zijn mening veel meer een plaats moeten krijgen in de christelijke wereld. Sterker nog, die twijfels bestáán gewoon, en zeker ook bij hem zelf en bij mij, maar ze zijn een not-done issue in de kerken. Maar waarom eigenlijk? Het onderwerp wordt angstvallig gemeden in, (vooral), de orthodox reformatorische kerken, de Bijbelgetrouwen...

Maar het boek heeft ook vooral een autobiografisch karakter. Boele spreekt zich, via passages uit zijn dagboek, openlijk uit over zijn eigen depressies, angsten, en zijn kathedralen van zekerheden die als kaartenhuizen in elkaar donderden.

Zijn bijzondere ontmoeting met Andries Knevel, in het progamma "de Herberg", was voor hem aanleiding het boek te schrijven. Het is een pleidooi om ruimte te willen creëren voor twijfelaars binnen de, vaak ondoordringbare, en vastgeroeste structuren van kerkelijk Nederland, waar twijfel taboe is.

Maar twijfel en geloven gaan niet zonder elkaar, zegt Boele.

In tegenstelling tot het boek van Boele waarin hij spreekt, dogmatiseert, en theologiseert over het fenomeen twijfel, zo gaat in het boek van Walsch vooral over het ómgaan met die twijfel.

In dit boek is de schrijver op een bijna kinderlijke manier in gesprek met God. In de vragen die hij aan God stelt over, (zijn eigen), lijden, relaties, ongeloof, strijd, verslaving, ontrouw, oorlog, natuurrampen, angsten, jaloezie, ruzie, seks, moord, ziekte, goed en kwaad, gelukkig zijn, en alles wat te maken heeft met onze uiteindelijke verlangens naar rust, vrede en geluk, is God haarzuiver en verhelderend.

Zijn bemoedigende boodschap is dat de mens vooral de creator moet zijn van zijn eigen levensloop, in het voortdurend herscheppen van situaties. We hoeven echt niets meer te leren of te bereiken. We ontdekken slechts, in een voortdurend proces van steeds weer opnieuw keuzes maken.

Hoe ga je om met dingen die je niet wilt en je toch overkomen? Hoe ga je om met je relatie die niet werkt? Hoe verwerk je verdriet? Hoe komt het dat je geen weerstand kunt bieden aan factoren van buitenaf die je volledig in beslag nemen en eigenlijk helemaal niet wenst? Hoe ga je om met verslaving?

Waar je je tegen verzet, blijft. En waar je naar kijkt dat verdwijnt, zegt God in een van zijn reacties op de levensvragen van Walsch.

Te gemakkelijk? Misschien, maar het werkt. Ik weet het zelf uit eigen ervaring. Hopeloos geobsedeerd was ik, jaren geleden, door een andere vrouw terwijl ik zelf een relatie had. Wie kampt er niet mee, tegenwoordig? Ik wilde het in ieder geval niet. Maar ik verzette me niet meer, en begon er gewoon naar te kijken...

De uitwerking is verbluffend geweest!

En geloof me, of je nou christen bent of niet, we hebben allemaal dezelfde twijfels, verlangens en vraatzucht...

Hoe ingrijpend alles kan zijn, hoe relatief eenvoudig is de manier waarop je weerstand kan bieden, of liever gezegd ontspannen kunt leven met al deze menselijke onhebbelijkheden, want alles is uiteindelijk gebaseerd op je eigen keuzes en waarnemingen.

God gehoorzamen? Welnee, zegt God, je hebt mij er niet mee als je dat niet wilt, bovendien heb ik helemaal geen regels gesteld. Je mag je eigen weg gaan. Ik heb je alleen maar de middelen gegeven om je eigen leven in te richten op een manier die Mij het beste lijkt.

De tien geboden zijn helemaal geen geboden, dat is jullie interpretatie. Ze zijn slechts het logisch gevolg van het leven naar Mijn idee. Als je in Mij gelooft dan kun je niet anders dan jezelf en dus je naaste liefhebben. Want de enige die volmaakt is ben IK.

Zo gaat het gesprek verder, tussen de schrijver en God, in dit onthullende boek...

Twee boeken dus, die me juist helemaal niet van de kaart hebben gebracht, maar me alleen gestimuleerd hebben door te gaan op de weg die ik al jaren geleden gevonden heb.

Dank je wel Boele, dat je me even mee terug nam naar die twijfel, en dat je je sterk maakt voor een plek in de kerk voor gepassioneerde twijfelaars. Deze mensen zullen je boek hard nodig hebben...

Dank je wel Neale Donald Walsch voor je openhartig gesprek met God, waardoor ik heb mogen waarnemen dat ik verder ben dan ik ooit heb durven dromen...

zondag 14 juni 2009

Processierups



Eigenlijk is het de eikenprocessierups, en komt weer voor in Nederland sinds 2004. Vervelend als je ermee in aanraking komt want de haren van het beest, (gemiddeld 800.000 per exemplaar), kunnen flinke jeuk veroorzaken maar ook aantasting van de luchtwegen en slijmvliezen.

Ze leven veelvuldig op de zuidkant van eikenbomen, en de nesten bestaan uit een dicht spinsel van vervellingshuidjes, met brandharen en uitwerpselen. Vooral ’s nachts trekken ze er op uit om voedsel te zoeken waarbij ze in lange rijen dicht langs elkaar heen kruipen, wat doet denken aan een processie van mensen.

Ook in de bossen van Drenthe zijn het er zoveel geworden dat met man en macht wordt gewerkt om tijdig de nesten uit te roeien en een plaag te voorkomen. Het is een treurige aanblik als je soms langs de weg de kaalgevreten eikenbomen ziet staan.

Processie. Een godsdienstige plechtigheid, vaak in de vorm van een optocht van geestelijken en andere gelovigen. Waarom de beweging van deze rupsen juist met deze processieoptochten wordt vergeleken laat zich slechts alleen maar raden. Een vergelijking met een militaire parade uit een dictatoriaal regime zou welzeker ook hebben gekund?

Toch niet. Het woord processie heeft heel iets anders in zich, iets dreigends, iets mystieks. Er gaat wat gebeuren... "Wij komen er aan, wij rupsen, u hoort van ons..."

Het lijkt erop, want de bestrijding van dit min of meer "onschuldig" lijkend harig beestje heeft meer weg van het schoonmaken van een kernreactor in een dubieuze centrale. Mannen met "ruimtepakken" bestijgen met hoogwerkers de bomen om in de aanval te gaan, en de nesten grondig uit te roeien.

Een leger van rupsen organiseert zich in de vorm van een processie in de bossen van Nederland, en we zijn gewaarschuwd.

Ik weet niet wat erger is, Geert Wilders, de crisis, of de eikenprocessierups.

In ieder geval is de rups veel leuker, ook al word ik er misschien ziek van...

maandag 8 juni 2009

Het debat

Het slotdebat na de verkiezingen van afgelopen donderdag had meer weg van een aflevering uit GTST dan een serieuze evaluatie van de verkiezingsuitslag.

Het ging werkelijk over helemaal niets meer. Ferry Mingele deed verwoede pogingen om het gesprek nog enigszins van inhoud te kunnen voorzien, maar het draaide uit op een gooi- en smijtfilm met taarten. Als Pim er nog was geweest zou hij waardig zijn opgestaan, zijn das rechtstrijken, en het circus hebben verlaten.

Vanuit linkse "cordon sanitaire", zoals Wilders het noemde, lieten de dames Halsema, Kant, en Hamer zich flink meeslepen door de opruiende toon van de blonde salonspreker, en speelden hem daarbij natuurlijk prachtig in de kaart.

Van Geel en Pechtold probeerden het gesprek nog enigszins met argumenten te omkleden, terwijl Mark Rutte, die zijn voormalig partijgenoot "kameradelijk" aansprak met "Geert", een poging deed zijn collega op het persoonlijke vlak te benaderen.

Het was ronduit een afgang. Zeven volwassen mensen gooien met modder zonder ook maar enig respect voor elkaars standpunten.

Dat konden we toch beter in de tijd van Hans, Joop en Dries...

maandag 1 juni 2009

Topsport is ongezond?


Deze uitspraak deed Pieter van den Hoogenband vorige week in het programma Holland Sport.

"Topsport is ongezond, en het is elke dag pijn lijden! Je lichaam staat dagelijks bloot aan een overdosis onnatuurlijke belasting die uitermate slecht is voor je gezondheid".

Een professioneel topsporter spreekt zich uit over de ontberingen en zelfkastijding van topsport.

Wat moeten we hier nou weer mee, want veel bedrijven doen toch ook aan topsport? Althans, die vergelijking wordt gemaakt. Maar dan zitten we toch aardig met die uitspraken van onze Pieter in de maag gesplitst, want als ik het goed begrijp is topsport dus helemaal niet zo gezond?

Ik kan me er wel iets bij voorstellen. Natuurlijk is de vergelijking neergezet in overdrachtelijke zin, maar toch ontkomen we niet aan de uitspraken van onze zwemkampioen en prikkelt het minstens om er over na te denken.

Want, waarom wordt het presteren in een bedrijfscultuur zo sterk in parallel getrokken met deze "ongezonde" vorm van leven? En als topsport zo ongezond is en zoveel risico’s met zich meebrengt, waarom doen we het dan? Deze vraag werd Pieter ook gesteld in het programma.

Opvallend in zijn antwoord is dat hij overschakelt op de "je"-vorm: "je wilt je grenzen verleggen, en altijd maar beter en sneller zijn". Schaamt hij zich misschien om de "ik"-vorm te gebruiken, en er vooruit te komen dat dit voor hem persoonlijk de énige motivatie is?

Bedrijven doen aan topsport, maar is het wel verstandig om je helemaal te pletter te lopen, en kotsend over de streep te gaan? De klant is koning, maar we moeten haar wel kunnen blijven zien en volgen. En wordt dat niet een beetje lastig als je door sportblessures niet meer in staat bent om je vak uit te oefenen? Bovendien zijn topsporters doorgaans voor zichzelf bezig, zowel in individuele, maar ook in teamsporten. Ze hebben geen klanten, alleen maar publiek.

Ik heb wel eens het gevoel dat veel bedrijven daarin juist weer wél op topsporters lijken...Vaak zijn ze zo druk bezig met eigen cijfers en doelstellingen, dat ze de klant niet meer zien, en niet luisteren naar wat hij of zij wérkelijk wil...

Vorige week was ik op Terschelling en vroeg bij het VVV naar de waterstanden in verband met een wandeling langs de westpunt. Toen ik merkte dat de lady achter de desk er alleen maar op uit was om een wandelkaart te verkopen had mijn vraag de aandacht niet meer en was ik dus al gauw de winkel weer uit. Jammer van die kaart...

Iedereen wil hard gaan, vernieuwen, en de grootste zijn. Dat klinkt begrijpelijk in ondernemerstaal, maar het is de vraag of de klant het bij kan, en wil, houden in dit tempo...

Topsport is ongezond?

Niet per definitie, want we hebben er zélf volledig de regie over. En het is helemaal niet slecht dat je af en toe eens flink op de rem trapt...