maandag 29 juni 2009

Levensgeluk


Het lijkt wel of de bril van Wouter Bos evenzo "wereldnieuws" is als de dood van Michael Jackson.

Wat een drama zeg. Vorig week berichtten de media over de wantoestanden in het declaratieverkeer van de gemeenten. RTL4 presteerde het om de helft van hun nieuwsbulletin te vullen met een opsomming van onzinnige statistieken over de hoogte van allerlei declaraties van burgemeesters en hun ambtenarenapparaat. En dan kun je alles nog eens nalezen op de website, ja, ja...

Maar wat heeft het voor zin om deze informatie de huiskamer in de te slingeren? Worden we daar gelukkiger van? Nee, natuurlijk niet. Het maakt mensen alleen maar chagrijniger en hebberiger, voor wie er gevoelig voor is. Maar het zijn toch onze belastingcenten?

Ja, ja, maar ik ga mij echt niet druk maken om de zonnebril van Wouter Bos. Dan kan ik me nog wel wat anders voorstellen. Het is toch echt een zaak van de overheden, en niet die van mij. Alle tijd die we besteden aan het (declaratie) gedrag van een ander is verloren tijd en vergiftigt ons systeem. Zonde, want er is gelukkig nog zoveel te genieten...

zaterdag 27 juni 2009

The King...


Weer een "King" overleden. De wereld is in rep en roer, en je vraagt je af waarom mensen het voor zichzelf zo ontzettend moeilijk maken.

Hoe kun je zo van de kaart zijn, door het overlijden van iemand die je nauwelijks, of zelfs helemáál niet kent? Ben ik te nuchter of gevoelloos, als ik de dwaasheid rondom een idool, (in dit geval Jackson), niet kan vatten? Met alle respect overigens voor de nabestaanden, die wérkelijk wat met hem hadden.

Ik hoorde iemand zeggen dat zijn wereld compleet instortte, toen hij het nieuws vernam. Mensen, die voor de camera hun emoties niet in bedwang konden houden, en het suggestieve herhalen van mogelijke doodsoorzaken door de media. En voor wie het nog niet wist, de aangekondigde concerten van de popzanger gaan niet door...handig om te weten natuurlijk.

Dwaas? Ach, ieder voor zich, en ik wil en mag daar geen oordeel over vellen. Maar het zou een stuk gemakkelijker worden als mensen zich wat minder zouden laten meeslepen. Je kunt de muziek prachtig vinden maar als je zo ver moet gaan dat je verslaafd raakt aan je idool, en het zelfs als een stukje "bezit" gaat ervaren dan krijg je dit soort taferelen.

Want, we leven in een wereld waarin we ons zelf hebben wijs gemaakt dat we niet meer zonder die ander kunnen. Het was ónze Michael en eigenlijk nemen we het hem, bij wijze van spreken, ook nog een beetje kwalijk want hoe kun je ons nu verlaten?

Is het niet simpel consumptiegedrag, dat we alles en iedereen willen bezitten? We moeten worden vermaakt door die ander, en we zakken zelf steeds verder weg omdat we alle creativiteit zijn verloren om voor ons zelf steeds weer een wereld te scheppen waarin we ons tevreden voelen.

Als we ons gebrek aan levenslust moeten zoeken in een ander, dan is er al eeuwen lang iets grondig mis in ons systeem...

Michael Jackson is er niet meer en is wellicht nu in een betere wereld. Als je het wilt geloven dan mag dat.

Misschien is er juist wel reden tot vreugde? Niet voor de fans... Maar daar ging het ook niet om, toch?

woensdag 24 juni 2009

Camera


Onze digitale camera was stuk. Nog steeds trouwens, maar we hebben er nu twee. De kapotte, en een nieuwe. Er ligt zelfs nog een derde ergens in de la, bijna nieuw nog, en waarschijnlijk één van de laatste analoge exemplaren van deze eeuw.

We kochten dat ding toen we nog redelijk antidigitaal waren, wat foto’s betreft dan. Want die kijk je in een album, dat bladert zo gezellig. Maar kort daarna kregen wij “the digital camera” bijna letterlijk in de schoot geworpen. Een familielid had het ding over en we waren vanaf dat moment verkocht.

Maar die is nu dus stuk, heeft zijn tijd gehad, en heeft zijn prachtige plaatjes "geworpen".

Op zoek naar een nieuwe camera dus. Wij naar een winkel in Assen. Zo’n winkel waar je bijna uitglijdt op het marmer en verblind wordt door kostbare glazen vitrines met te dure halogeenverlichting. Achter de balie stond een grijs gekuifde meneer van middelbare leeftijd, bril op de punt van zijn neus, die alles leek te weten van, (vooral), toestellen die het niet meer doen.

Een beetje hulpeloos, niets vermoedend van wat ons te wachten stond, vroegen we aarzelend wat er aan de hand kon zijn met ons vertrouwde toestel wat ons jaren heeft voorzien van leuke plaatjes. Ach, je gaat er een beetje van houden...

Maar de "kuif" keek bijna minachtend naar het apparaat dat we zorgvuldig voor hem hadden neergelegd op de balie, stak ging er geen vinger naar uit, spuugde nog net niet, en had al drie passen gezet richting zijn glazen vitrines, waar de meest dure soorten en maten lagen te blinken...

Blijkbaar verkeerd merk? Hield hij niet van geloof ik, en wij niet meer van die man! Dankbaar verlieten we de gemarmerde winkel, (even diep doordenken), en ademden de gezellige sfeer van winkelend Assen weer in.

Een paar dagen later slaagden we bij de Mediamarkt. Duizend toestellen, nou ja dat lijkt zo daar, en een professionele uitleg van een gewone jongen in een gewone spijkerbroek, en alle tijd van de wereld. En we wisten precies wat we wilden, dat scheelt.

Die grijze kuif zijn we al lang weer vergeten...

Zou hij zich ooit nog eens afvragen waarom hij ons geen camera heeft verkocht? Ik zit er niet mee...

zaterdag 20 juni 2009

Tussen twijfel en inzicht


Soms kun je door het lezen van een boek veranderen, zegt het boek zelf. Niet het boek zegt dit, maar de schrijver.

Ik las er twee poosje geleden: Van de Kaart, (het Manifest van een gepassioneerd twijfelaar), van Boele P. Ytsma, (een oude vriend van mij), en het andere boek: Een Ongewoon Gesprek met God van Neale Donald Walsch.

Beide boeken gaan over God, de twijfel, de vraag naar de zin van het leven, of juist het tegenovergestelde.

Boele is theoloog en pastor, en schrijft in zijn boek over twijfels die naar zijn mening veel meer een plaats moeten krijgen in de christelijke wereld. Sterker nog, die twijfels bestáán gewoon, en zeker ook bij hem zelf en bij mij, maar ze zijn een not-done issue in de kerken. Maar waarom eigenlijk? Het onderwerp wordt angstvallig gemeden in, (vooral), de orthodox reformatorische kerken, de Bijbelgetrouwen...

Maar het boek heeft ook vooral een autobiografisch karakter. Boele spreekt zich, via passages uit zijn dagboek, openlijk uit over zijn eigen depressies, angsten, en zijn kathedralen van zekerheden die als kaartenhuizen in elkaar donderden.

Zijn bijzondere ontmoeting met Andries Knevel, in het progamma "de Herberg", was voor hem aanleiding het boek te schrijven. Het is een pleidooi om ruimte te willen creëren voor twijfelaars binnen de, vaak ondoordringbare, en vastgeroeste structuren van kerkelijk Nederland, waar twijfel taboe is.

Maar twijfel en geloven gaan niet zonder elkaar, zegt Boele.

In tegenstelling tot het boek van Boele waarin hij spreekt, dogmatiseert, en theologiseert over het fenomeen twijfel, zo gaat in het boek van Walsch vooral over het ómgaan met die twijfel.

In dit boek is de schrijver op een bijna kinderlijke manier in gesprek met God. In de vragen die hij aan God stelt over, (zijn eigen), lijden, relaties, ongeloof, strijd, verslaving, ontrouw, oorlog, natuurrampen, angsten, jaloezie, ruzie, seks, moord, ziekte, goed en kwaad, gelukkig zijn, en alles wat te maken heeft met onze uiteindelijke verlangens naar rust, vrede en geluk, is God haarzuiver en verhelderend.

Zijn bemoedigende boodschap is dat de mens vooral de creator moet zijn van zijn eigen levensloop, in het voortdurend herscheppen van situaties. We hoeven echt niets meer te leren of te bereiken. We ontdekken slechts, in een voortdurend proces van steeds weer opnieuw keuzes maken.

Hoe ga je om met dingen die je niet wilt en je toch overkomen? Hoe ga je om met je relatie die niet werkt? Hoe verwerk je verdriet? Hoe komt het dat je geen weerstand kunt bieden aan factoren van buitenaf die je volledig in beslag nemen en eigenlijk helemaal niet wenst? Hoe ga je om met verslaving?

Waar je je tegen verzet, blijft. En waar je naar kijkt dat verdwijnt, zegt God in een van zijn reacties op de levensvragen van Walsch.

Te gemakkelijk? Misschien, maar het werkt. Ik weet het zelf uit eigen ervaring. Hopeloos geobsedeerd was ik, jaren geleden, door een andere vrouw terwijl ik zelf een relatie had. Wie kampt er niet mee, tegenwoordig? Ik wilde het in ieder geval niet. Maar ik verzette me niet meer, en begon er gewoon naar te kijken...

De uitwerking is verbluffend geweest!

En geloof me, of je nou christen bent of niet, we hebben allemaal dezelfde twijfels, verlangens en vraatzucht...

Hoe ingrijpend alles kan zijn, hoe relatief eenvoudig is de manier waarop je weerstand kan bieden, of liever gezegd ontspannen kunt leven met al deze menselijke onhebbelijkheden, want alles is uiteindelijk gebaseerd op je eigen keuzes en waarnemingen.

God gehoorzamen? Welnee, zegt God, je hebt mij er niet mee als je dat niet wilt, bovendien heb ik helemaal geen regels gesteld. Je mag je eigen weg gaan. Ik heb je alleen maar de middelen gegeven om je eigen leven in te richten op een manier die Mij het beste lijkt.

De tien geboden zijn helemaal geen geboden, dat is jullie interpretatie. Ze zijn slechts het logisch gevolg van het leven naar Mijn idee. Als je in Mij gelooft dan kun je niet anders dan jezelf en dus je naaste liefhebben. Want de enige die volmaakt is ben IK.

Zo gaat het gesprek verder, tussen de schrijver en God, in dit onthullende boek...

Twee boeken dus, die me juist helemaal niet van de kaart hebben gebracht, maar me alleen gestimuleerd hebben door te gaan op de weg die ik al jaren geleden gevonden heb.

Dank je wel Boele, dat je me even mee terug nam naar die twijfel, en dat je je sterk maakt voor een plek in de kerk voor gepassioneerde twijfelaars. Deze mensen zullen je boek hard nodig hebben...

Dank je wel Neale Donald Walsch voor je openhartig gesprek met God, waardoor ik heb mogen waarnemen dat ik verder ben dan ik ooit heb durven dromen...

zondag 14 juni 2009

Processierups



Eigenlijk is het de eikenprocessierups, en komt weer voor in Nederland sinds 2004. Vervelend als je ermee in aanraking komt want de haren van het beest, (gemiddeld 800.000 per exemplaar), kunnen flinke jeuk veroorzaken maar ook aantasting van de luchtwegen en slijmvliezen.

Ze leven veelvuldig op de zuidkant van eikenbomen, en de nesten bestaan uit een dicht spinsel van vervellingshuidjes, met brandharen en uitwerpselen. Vooral ’s nachts trekken ze er op uit om voedsel te zoeken waarbij ze in lange rijen dicht langs elkaar heen kruipen, wat doet denken aan een processie van mensen.

Ook in de bossen van Drenthe zijn het er zoveel geworden dat met man en macht wordt gewerkt om tijdig de nesten uit te roeien en een plaag te voorkomen. Het is een treurige aanblik als je soms langs de weg de kaalgevreten eikenbomen ziet staan.

Processie. Een godsdienstige plechtigheid, vaak in de vorm van een optocht van geestelijken en andere gelovigen. Waarom de beweging van deze rupsen juist met deze processieoptochten wordt vergeleken laat zich slechts alleen maar raden. Een vergelijking met een militaire parade uit een dictatoriaal regime zou welzeker ook hebben gekund?

Toch niet. Het woord processie heeft heel iets anders in zich, iets dreigends, iets mystieks. Er gaat wat gebeuren... "Wij komen er aan, wij rupsen, u hoort van ons..."

Het lijkt erop, want de bestrijding van dit min of meer "onschuldig" lijkend harig beestje heeft meer weg van het schoonmaken van een kernreactor in een dubieuze centrale. Mannen met "ruimtepakken" bestijgen met hoogwerkers de bomen om in de aanval te gaan, en de nesten grondig uit te roeien.

Een leger van rupsen organiseert zich in de vorm van een processie in de bossen van Nederland, en we zijn gewaarschuwd.

Ik weet niet wat erger is, Geert Wilders, de crisis, of de eikenprocessierups.

In ieder geval is de rups veel leuker, ook al word ik er misschien ziek van...

maandag 8 juni 2009

Het debat

Het slotdebat na de verkiezingen van afgelopen donderdag had meer weg van een aflevering uit GTST dan een serieuze evaluatie van de verkiezingsuitslag.

Het ging werkelijk over helemaal niets meer. Ferry Mingele deed verwoede pogingen om het gesprek nog enigszins van inhoud te kunnen voorzien, maar het draaide uit op een gooi- en smijtfilm met taarten. Als Pim er nog was geweest zou hij waardig zijn opgestaan, zijn das rechtstrijken, en het circus hebben verlaten.

Vanuit linkse "cordon sanitaire", zoals Wilders het noemde, lieten de dames Halsema, Kant, en Hamer zich flink meeslepen door de opruiende toon van de blonde salonspreker, en speelden hem daarbij natuurlijk prachtig in de kaart.

Van Geel en Pechtold probeerden het gesprek nog enigszins met argumenten te omkleden, terwijl Mark Rutte, die zijn voormalig partijgenoot "kameradelijk" aansprak met "Geert", een poging deed zijn collega op het persoonlijke vlak te benaderen.

Het was ronduit een afgang. Zeven volwassen mensen gooien met modder zonder ook maar enig respect voor elkaars standpunten.

Dat konden we toch beter in de tijd van Hans, Joop en Dries...

maandag 1 juni 2009

Topsport is ongezond?


Deze uitspraak deed Pieter van den Hoogenband vorige week in het programma Holland Sport.

"Topsport is ongezond, en het is elke dag pijn lijden! Je lichaam staat dagelijks bloot aan een overdosis onnatuurlijke belasting die uitermate slecht is voor je gezondheid".

Een professioneel topsporter spreekt zich uit over de ontberingen en zelfkastijding van topsport.

Wat moeten we hier nou weer mee, want veel bedrijven doen toch ook aan topsport? Althans, die vergelijking wordt gemaakt. Maar dan zitten we toch aardig met die uitspraken van onze Pieter in de maag gesplitst, want als ik het goed begrijp is topsport dus helemaal niet zo gezond?

Ik kan me er wel iets bij voorstellen. Natuurlijk is de vergelijking neergezet in overdrachtelijke zin, maar toch ontkomen we niet aan de uitspraken van onze zwemkampioen en prikkelt het minstens om er over na te denken.

Want, waarom wordt het presteren in een bedrijfscultuur zo sterk in parallel getrokken met deze "ongezonde" vorm van leven? En als topsport zo ongezond is en zoveel risico’s met zich meebrengt, waarom doen we het dan? Deze vraag werd Pieter ook gesteld in het programma.

Opvallend in zijn antwoord is dat hij overschakelt op de "je"-vorm: "je wilt je grenzen verleggen, en altijd maar beter en sneller zijn". Schaamt hij zich misschien om de "ik"-vorm te gebruiken, en er vooruit te komen dat dit voor hem persoonlijk de énige motivatie is?

Bedrijven doen aan topsport, maar is het wel verstandig om je helemaal te pletter te lopen, en kotsend over de streep te gaan? De klant is koning, maar we moeten haar wel kunnen blijven zien en volgen. En wordt dat niet een beetje lastig als je door sportblessures niet meer in staat bent om je vak uit te oefenen? Bovendien zijn topsporters doorgaans voor zichzelf bezig, zowel in individuele, maar ook in teamsporten. Ze hebben geen klanten, alleen maar publiek.

Ik heb wel eens het gevoel dat veel bedrijven daarin juist weer wél op topsporters lijken...Vaak zijn ze zo druk bezig met eigen cijfers en doelstellingen, dat ze de klant niet meer zien, en niet luisteren naar wat hij of zij wérkelijk wil...

Vorige week was ik op Terschelling en vroeg bij het VVV naar de waterstanden in verband met een wandeling langs de westpunt. Toen ik merkte dat de lady achter de desk er alleen maar op uit was om een wandelkaart te verkopen had mijn vraag de aandacht niet meer en was ik dus al gauw de winkel weer uit. Jammer van die kaart...

Iedereen wil hard gaan, vernieuwen, en de grootste zijn. Dat klinkt begrijpelijk in ondernemerstaal, maar het is de vraag of de klant het bij kan, en wil, houden in dit tempo...

Topsport is ongezond?

Niet per definitie, want we hebben er zélf volledig de regie over. En het is helemaal niet slecht dat je af en toe eens flink op de rem trapt...