woensdag 26 oktober 2011

Teus


Zeewolde, de enige link die ik er nog mee heb is de tandarts.

Twee keer per jaar rij ik er naar toe, en laat datgene doen wat noodzakelijk is.

Een tweejaarlijks "uitje" dat ik meestal gebruik om daarna wat oude vrienden op te zoeken, en door het dorp te rijden. Ik heb er slechts zeven jaar gewoond, en dat waren niet de gemakkelijkste jaren uit mijn leven.

Vanmiddag reed ik na het korte bezoek aan de tandarts, (een vakman overigens, afgestudeerd architect, maar toch maar een tandartsenpraktijk is begonnen), naar de begraafplaats. Prachtig gelegen aan de rand van Europa’s grootste loofbos, met de karakteristieke paden, heggen en bomen.

Altijd breng ik dan even een bezoek Teus, een oude vriend van mij uit die tijd. Hij overleed na een kort ziekbed aan een hersentumor, op 34 jarige leeftijd. Ik heb met hem gelachen, gezwommen, veel gepraat en gehuild. De begraafplaats lag er rustig en herfstachtig bij, en ik liep in de richting van zijn laatste rustplaats.

Zeewolde, een jong dorp, "geboren" in de jaren 80. Je kunt het zien aan de begraafplaats, er zijn weinig mensen bijgekomen sinds de laatste keer, en wat met name mijn aandacht trok is de cirkel van kindergraven, opgesierd met beren, speeltjes, hartverscheurende gedichten en de laatste groeten...

Mijn gedachten gaan terug naar die tijd waarin ik veel mensen heb leren kennen. Ik zat toen in de kerkenraad en heb veel machtstrijd, onbegrip en verdriet gezien. Ja, ook in de kerk kan er geestelijk zwaar gevochten worden.

Eigenlijk is het een verdrietige episode uit mijn leven geweest, die je aan de andere kant ook heeft doen groeien.

Ik loop verder en het graf van Teus verschijnt in mijn blikveld. Ik herinner me het plezier dat we hadden in het zwembad, als hij pontificaal op zijn rug schuin het bad overstak. Teus kon moeilijk richting houden, omdat hij door gebrek aan evenwicht slecht kon sturen. Maar we lagen dubbel van het lachen.

Teus was een levensgenieter en veel te jong overleden. Vanuit een stampvolle kerk, (het hele dorp leek te zijn uitgelopen), werd hij naar zijn laatste plekje gebracht.

De toespraak van zijn vrouw, aan het begin van de dienst was hartverwarmend en ontwapenend. Sterk stond ze daar, te vertellen van Teus. Waar hij van hield, over zijn humor, en zijn kracht en gave om zijn dierbaren te kunnen blijven stimuleren en levenswijsheden daar uit te kunnen putten.

Vrienden komen, en vrienden gaan weer. Dat is het leven, en het gaat door. Het is goed om te herinneren, te koesteren, en te delen. En wegen scheidden zich weer, de tijd schrijdt voort...

Als ik de begraafplaats verlaat, is het goed geweest. De wind fluistert door het groen, en ik sluit het hek achter me. Ik stap in de auto, en rij langs de lange polderweg aan het water van het Wolderwijd, weer terug naar Kampen...

1 opmerking:

Rianne zei

Wauw, dat heb je weer prachtig geschreven.