zaterdag 22 februari 2014

De groene smoothie

Bijna een maand ben ik nu onderweg als planteneter en, zonder blikken of blozen, kan ik alleen maar zeggen dat het me zeer goed bevalt, en dat ik steeds enthousiaster wordt.

Ik val af, ik voel me goed, het lijkt wel alsof ik steeds meer energie krijg, ik vind het geweldig om samen met mijn vriendin nieuwe producten uit te proberen en er een feestje van te maken in de keuken.

Ja, onderweg, zeg ik, want dat is het ook.

Onderweg, om een planteneter te worden? Nee, want een planteneter ben je al op het moment dat je besluit méér plantaardig te gaan eten, en mínder dierlijke producten. Maar je bent onderweg omdat je gaandeweg mag zoeken naar een regelmaat en vorm die het beste bij jou past.  Ik vond eigenlijk vroeger altijd al alles lekker, en zéker ook vlees. En vergeet ook niet de eieren, de melk en kaas. Vroeger als kind mochten we thuis niets zelf pakken uit de kast, maar er was één uitzondering. Melk! Daar mocht ik altijd onbeperkt van drinken, waarschijnlijk omdat iemand ooit eens heeft gezegd dat het goed voor je zou zijn...

Maar ook groenten en fruit, zaden en pitten, pasta’s, peulvruchten en noten, (het repertoire dus van een planteneter), at ik altijd al graag. Het grote verschil is dat ik me nu bepérk tot slechts plantaardig voedsel. Of liever gezegd, dat ik de uitgebreide mogelijkheden ervan leer kennen. Toch valt dat, zeker in het begin, niet altijd mee. Kijk maar in de winkels. Een kust en te keur aan potjes, zakjes, tubes, flacons, flessen, doosjes en pakjes, vol met E-nummers, suikers, de verkeerde vetten, geur- en smaakstoffen, en andere toegevoegde rommel. Het heeft allemaal niets meer te maken met gezond, en natuurlijk eten.

Maar je bent toch al veganist als je puur plantaardig eet? In principe wel, maar je doet het pas goed als je ook nog zoveel mogelijk onbewerkt voedsel tot je neemt. Mijn eerste blog over dit onderwerp heette: “Help, ik wordt planteneter!” Want, dat doe je dus niet maar zo even, en moet je in de eerste weken gewoon je weg zoeken.

Gisteren was ik verdiept in de tekst op een pak koekjes in de plaatselijke super. Een dame van middelbare leeftijd aarzelde even, en sprak me toch aan.  “U kijkt ook wat er allemaal in zit?”, vroeg ze aan me. Ik antwoordde met een enigszins bedenkelijk gezicht: “Nou, ik eet namelijk niet álles.”

Spontaan pakte ze een boekje uit haar tas: “Ik heb hier alle E-nummers”, zei ze. “Oh, deze is niet zo heel erg”, sprak ze me geruststellend toe toen ze E500 zag staan op het pak met koekjes dat ik in mijn hand had. “Nou”, zei ik. “Ik eet liever helemaal geen toegevoegde rommel meer”. Maar ik realiseerde me dat ik nog lang niet zover ben, en dat het nog wel eens lastig zou kunnen worden om alléén maar onbewerkt voedsel te eten.

Maar ik heb een heerlijke start gemaakt, en krijg al aardig de smaak te pakken. Ik kan intens genieten van de schaal op het aanrecht vol met gekleurd fruit. Mijn groene smoothie is vaste prik ’s morgens, nadat ik op mijn nuchtere maag een glas water met een halve uitgeperste citroen heb gedronken, (dat weer goed is voor de reiniging van de lever).

De groene smoothie: 2 sinaasappelen, 1 kiwi, soms een banaan, een eetlepel lijnzaad, en een flinke handvol verse spinazie of boerenkool, twintig seconden in de blender en je hebt een heerlijke groene supergezonde drank. En je kunt natuurlijk afwisselen met ander fruit of bladgroente.

Maar waarom is die groene smoothie nou zo vreselijk gezond, en bovendien nog lekker ook? Dat komt door de stof die in bladgroente het blad groen kleurt, chlorofyl. Deze stof zorgt in ons lichaam voor de aanmaak van hemoglobine, die weer het transport regelt van zuurstof in ons bloed. (Ik ben een planteneter, net als jij, van Boele Ytsma).

Samen met het fruit krijgt je dus een heerlijke gezonde drank, waar al een heleboel in zit van wat je dagelijks nodig hebt. En bovendien is het gewoon lekker, en ook nog de meest snelle en gemakkelijke manier om verse bladgroente te bereiden en of binnen te krijgen als je het misschien anders niet zo gauw zal eten...

Ik zei het al, anders eten is een proces, een tocht, een experiment, en dat kost tijd, maar het loont! Probeer het maar.

“Hiep hoi, ik ben een planteneter!”

dinsdag 11 februari 2014

Wetenschap of politiek?

Nederlandse veiligheidsdiensten spelen 1,8 miljoen telefoongegevens door aan de Amerikanen. Ronald Plasterk wist ervan en ontkénde het zelfs in november, vorig jaar.

Een minister die het presteert om twee maanden lang deze belangrijke informatie onder de pet te houden? 

Een minister die, vóór zijn politieke loopbaan, als bioloog promoveerde met een proefschrift over het genetisch onderzoek naar de platworm?  Een minister die destijds, als wetenschapper, onderzoek deed naar de DNA-transpositie in de parasiet?

Een minister die, door het Genootschap Onze Taal, beticht werd van gebrek aan kennis van zaken toen hij de Friese taal een sprookje noemde, en de taal wilde degraderen tot dialect?

Een minister die, tijdens de Gay Pride in Amsterdam, namens het ministerie op een boot staat te hossen om tolerantie te tonen aan een groep extravaganten? Een minister die, in een tijd waarin mensen zoeken naar identiteit en spiritualiteit, heeft gezegd dat God niet bestaat?

Een wetenschapper die zo gelooft in de ratio zet je toch niet in als politiek bestuurder, daar waar het om mensen gaat?

Deze man had beter bioloog of cartoontekenaar kunnen blijven, en wat mij betreft ruimt hij morgen nog het veld als minister van Binnenlandse Zaken!

dinsdag 4 februari 2014

Zeg, waarom ben jij eigenlijk vléés gaan eten?


Vlees? Maar, jij was toch planteneter geworden? Of, ben ik nou gek?

Nee, maar deze vraag zullen ze misschien wél heel vroeger, toen de allereerste mensen op deze aarde rondliepen, ook wel gesteld kunnen hebben aan elkaar, ervan uitgaande dat de mens gemaakt is om planten te eten! Alles wijst er namelijk op, maar niemand weet het zeker…

At de oermens alleen maar plantaardig voedsel? Eigenlijk doet het er niet zoveel toe, maar het is wel een interessante discussie. En dat merk je wel, want na de eerste stappen in mijn nieuwe avontuur komt er heel wat los in mijn omgeving, en krijg je de meest uiteenlopende, en soms ook heftige, reacties. Logisch natuurlijk, want vlees is natuurlijk ontzettend smakelijk en hoort bij de cultuur van ons land.

Maar of we nu van oorsprong omnivoren (alles-eters) zijn, of juist niet, dat maakt niet zo’n verschil. Ik ben gaan planteneten, en dat doe ik omdat ik denk dat het goed is voor me. Maar ook andere argumenten gaan steeds meer een rol spelen, daarover later meer...

Ik ben nu ruim een week onderweg en ik wil eigenlijk nu al niet meer anders, hoewel ik gisteren best wel even zin had in een paar stukjes rollade die nog over waren van de zondag. Rollade? Ja, ik kan natuurlijk niet verwachten dat mijn vriendin opeens óók planten gaat eten. Een verandering van eetgewoontes is een persoonlijke kwestie, en mag ze gelukkig zelf bepalen wat ze eet!

Maar gisteravond kreeg ik een heerlijk warm, veganisch voorgerecht van haar aangeboden met verse spinazie, knoflook, ui, gele paprika en tomaten. Even roerbakken en op smaak maken met peper en kerrie. Er gaat een wereld open, écht! Verrukkelijk, en super gezond!

Maar je hoeft het natuurlijk niet zo rigoureus aan te pakken als ik, het mag ook geleidelijk. En als dat beter bij jou past, kun je het dus gewoon langzaam opbouwen. De documentatie en de cursussen van de Planteneter kunnen je daarbij goed ondersteunen.

En, ik schreef het in de vorige blog al, het voelt al goed. Maar dat is natuurlijk eigenlijk alleen nog maar in je kop, een gevoel dat goed is op basis van je keuzes. Maar ik ben nu een paar dagen verder, en nu al komen ook de lichamelijke reacties.

Ik merk het aan de weegschaal, de stofwisseling is regelmatiger en frequenter, en ik heb een minder zwaar en opgeblazen gevoel. Nu was dat allemaal niet zo heel erg dramatisch bij mij maar het is net of alle rotzooi, die mijn lichaam niet meer kan gebruiken, nu met “gang” wordt afgevoerd en de boel grondig wordt gezuiverd!

Want, waar iedereen het over eens kan zijn, verse groenten en fruit, granen en noten, ze zijn gewoon goed voor je. Dat ik nu een stap verder wil gaan, en na een korte maar grondige verdieping in de voedingswereld mij tevens wil onthouden van dierlijk voedsel, en dierlijke producten, is mijn eigen keuze.

En gaandeweg zo’n proces gaan meerdere argumenten, die bij mij steeds zwaarder gaan wegen, een rol spelen. En dan bedoel ik o.a. de bio-industrie, waar het welzijn van dieren de laatste decennia vaak geen enkele rol meer speelt. En ook dit argument kan nooit voor iedereen hetzelfde gewicht hebben. Nogmaals, het is een persoonlijk proces met persoonlijke afwegingen en keuzes. Allereerst mijn lichaam dus, een goede reden, en in de volgende blogs leg ik uit wat me nog meer drijft om planteneter te willen zijn.

 Ik ben op deze trein gestapt, en hij is nog niet één keer gestopt. Voor mij niet althans, maar hij zal ongetwijfeld wachten op jou, als je ook wilt opstappen...